Webdirect was een uitstekende nieuwsbrief. Helaas is er online niets meer van te vinden. Van Mill Avenue zijn alleen nog sporen te vinden in The Wayback Machine van The Internet Archive.
gepubliceerd in WebDirect, nummer 69, 23 april 1999 Oorspronkelijke URL: www.millavenue.nl/webdirnieuw/default.htm
Het "ongeautoriseerd gebruik van bedrijfs- en
productnamen in
metatags", waarvan de redactie in het artikel
"Veel misbruik van
merken op Internet" (WebDirect 67,
02/03/99; en ook in deze
aflevering) gewag maakt, vestigt de
aandacht op een onderschat
probleem, misbruik van het
trefwoordensysteem van online
zoekdiensten ('metatags').
Steeds
vaker bereiken mij vragen van ondernemers hoe ze met hun
website
in de 'top tien' van zoekresultaten van populaire
zoekdiensten
kunnen komen. Hiervoor bestaan allerlei technische
trucs. Helaas
zijn die vaak schadelijk voor de kwaliteit van
zoekdiensten (en
daarmee voor Internet als geheel) en bovendien
werken vaak slechts
tijdelijk.
Van mij mag hard worden opgetreden tegen degenen
die de trucs
toepassen bij de zoekdiensten, de zogenaamde
'spamdexers'. Het
is dan ook jammer dat de gang naar de
rechter slechts
mogelijkheid biedt om de louter merkinbreuk te
bestrijden, een
van de middelen, maar spamdexing als principe
niet. Rechters
passen helaas slechts bestaande (nationale)
rechtsregels toe die
stammen uit een tijd waarin niemand zich het
toenemend belang
van openbare netwerken nog voorstellen kon. Dat
moet nodig
veranderen, maar waarschijnlijk zullen we het
voorlopig
moetenstellen met de Benelux Merkenwet.
In
Nederland is merkenrecht reeds aan de orde geweest in enkele
zaken
met betrekking tot praktijken rond de registratie
van
internetadressen. Het specifieke probleem van misbruik
van
'metatags' is hier nog niet voor de rechter gedaagd.
Volgens
Dirk Visser van advocatenkantoor SSMD "lijkt het
echter goed
mogelijk dat een merkhouder zich op grond van art. 13A
lid 1
sub d Benelux Merkenwet kan verzetten tegen het gebruik
door
derden van zijn merk ter beïnvloeding van zoekmachines
op
Internet".
Omdat rechtsregels in een later stadium
ook in het buitenland
afgedwongen moeten kunnen worden, valt aan
te bevelen bij de
verdere ontwikkeling van jurisprudentie op dit
gebied tevens te
kijken naar de overwegingen van rechters op
grondgebied van
andere staten. In de Verenigde Staten is het
specifieke probleem
van misbruik van het trefwoorden-systeem wel
reeds in
rechtszaken aan de orde geweest.
Speciale
wetsvoorstellen met betrekking tot gebruik van Internet
,zoals
bijvoorbeeld de Computer Decency Act, haalden het ook in
dit land
niet, zodat rechters in de VS ook gewoon bestaande
regels toe
moeten passen. Dit bleek echter in de rechtspraktijk
rond
merkenrecht problematisch, juist ook weer omdat de
websurfer
weinig merkt van deze vorm van misbruik. Omdat het
rechtsgevoel
van velen in de VS indruist tegen misbruik van
merknamen via
Internet is in de praktijk de doctrine van
'dilution' ontstaan. In
deze doctrine is het, in tegenstelling
tot standaard
VS-merkenrecht, niet noodzakelijk dat door het
misbruik
verwarring onstaat over wie de eigenaar is van een
merk. Voldoende
is dat de waarde van het betreffende merk wordt
aangetast doordat
gebruikers van zoekdiensten niet uitsluitend
meer naar de website
van de eigenaar van het merk worden geleid,
maar tevens naar die
van concurrenten, met als resultaat dat
dit ten koste gaat van
marktaandeel van de eigenaar van het
merk ('dilution by
blurring').
Centraal staat in deze doctrine dus niet zozeer
het feit dat
surfers worden misleid als wel dat de waarde van het
betrokken
merk afmeent. Dat is volgens de doctrine ook het geval
wanneer
de reputatie van een merk of de goede naam van de
eigenaar
worden aangetast, bijvoorbeeld doordat het in een
ongewenste
context geplaatst wordt ('dilution by
tarnishment').
In de VS is deze doctrine in de meeste staten
inmiddels met
succes toegepast in 'spamdex'-zaken. Voor
succesvolle toepassing
op federaal niveau wordt echter als
aanvullende eis gesteld dat
het om een 'beroemd' merk gaat. De
toepasbaarheid van de
doctrine wordt hierdoor belemmerd omdat
onduidelijk is wanneer
gesproken kan worden van beroemdheid op
Internet.
In de rechtspraktijk in de Benelux wordt het
verwante begrip
"verwatering" van een merk gebruikt.
Vanwege de relatief grote
beschermingsomvang van merken in de
Benelux adviseert Visser
internationaal opererende merkhouders om
juist in Nederland een
proces aan te spannen tegen merkinbreuk in
metatags.
Mooi zo, zou je zeggen, aanpakken die hap! Helaas
wordt de
opsporing van merkinbreuk steeds lastiger, omdat het
kennis van
het internet ('metatags') veronderstelt bij merkhouders
die er
gewoon niet is. Consultants als Cyveillance (ere wie
ere
toekomt) zouden hierbij kunnen helpen, ware het niet dat
het
bedoelde misbruik door toepassing van zogenaamde
'cloaking'-
software ook voor geoefende 'broncode'-surfers steeds
verder
aan het oog onttrokken wordt.
Het lijkt er veel op
dat de online zoekdiensten, die zelf de
metatags hebben
uitgevonden, de enigen zijn die 'spamdexing'
effectief op kunnen
sporen. Dat is verontrustend wanneer we,
nota bene in de zelfde
Webdirect, kunnen lezen hoe Excite en
Netscape omspringen met
respectievelijk de merken Estee Lauder
en Playboy. Met angst en
beven wachten 'search engines' en
'portals' nu het door genoemde
merkhouders gevraagde
rechterlijk oordeel af over de lucratieve
praktijk van
doelgerichte advertenties ('targeted banners'). Het
gaat ze
namelijk maar om één ding, poen! Niet om
merkenrecht.
Gelukkig kunnen u en uw klanten zich voor de
Nederlandse rechter
ook nog verweren tegen de, in vorige Webdirect
opgesomde, beter
zichtbare vormen van merkinbreuk en schendingen
van
auteursrecht. De rechter sluit derden die merkinbreuk
plegen
welliswaar niet uit van de virtuele samenleving, zoals
'search
engines' dat doen bij flagrant misbruik van hun
dienstverlening,
maar kan aan hen wel boete's opleggen die kunnen
oplopen tot
maarliefst f 10.000 per dag. Omdat dat
meer is dan de meeste
Nederlandse bedrijven omzetten via Internet
lijkt mij dat
voorlopig een effectieve sanctie. Wie eerst?
Dieter van Werkum (werkum@(ditweglaten)bart.nl)