Langs de Trekvliet

(In de zomermaanden wandelt Pasgeld iedere week door het minder bekende Den Haag en noteert wat hij ziet. Vandaag loopt hij langs de Trekvliet naar Drievliet en via de Binckhorst weer terug)

Mijn wandeling begint op het Rijswijkseplein. Aan de achterkant van de studentenflat aldaar constateer ik dat er een zeer ruime, speciale afdeling is ingeruimd voor de retournering van lege flessen. De Van Maanenkade loopt onder een prachtige spoorbrug door vol klinknagels, pilaren en stenen ornamenten uit het industriele tijdperk. De wielen van de treinen erboven slijpen zonder uitzondering piepend over de rails. De prachtige woning 'Steenoord' uit 1887 contrasteert enorm tussen het glas en beton van de hoge nieuwbouw rondom. Bij de voetgangersboogbrug een honderdtal meters verderop heet het ineens Bontekoekade. Het oorspronkelijke jaagpad langs de Trekvliet voert hier even langs woonschepen, nieuwbouwflats in de sociale sector, speeltuintjes en reigers. Het eind van de Bontekoekade wordt gemarkeerd door een mooi, oud havenkantoortje en biedt uitzicht op autosloperijen aan de overkant van de Trekvliet en een glazen torentje vol met nieuwe Smart-autootjes. Voordat ik verder ga moet ik het even met u hebben over het begrip 'hoge hoed'. Een hoge hoed is een soort rechthoekige omweg om uiteindelijk de rechte route weer te volgen. Vraag maar aan de HTM. Daar weten ze alles van hoge hoeden sinds de tramtunnel. De eerste hoge hoed die ik moet lopen wordt gevormd door de Goudriaankade, de brug in de Rijswijkseweg over de Laakhaven en de Neherkade. Aan de Goudriaankade haalt een visser net een enorme brasem uit het water. Op de Neherkade scheidt een glazen geluidsscherm de wandelaar van het voorbijrazend verkeer en de foeilelijke Praxis en Konmar. Vlak voor de Trekvlietbrug gaan we rechtsaf om onze weg langs de Vliet te vervolgen. Het genoegen is van korte duur. We moeten via alweer een hoge hoed om de Laakmolen (uit 1699) heen. Alweer langs die afschuwelijke Praxis en Konmar. De gemeente Den Haag lijkt het geen moeite teveel te zijn om een wandeling langs de Trekvliet tot een onaangename gebeurtenis te maken. Een voetgangersbruggetje over de Laak maakt dat ik net niet opnieuw op de Rijswijkseweg terechtkom en via de Laakweg, de Noordpolderkade en de Elboogstraat weer langs het water kan lopen om zodoende enige reigers op te schrikken. In de Molenwijk ligt een hele hoop rotzooi op straat maar langs het water is wat gras, staan wat bankjes en tref ik zowaar een groep van 24 ganzen aan de oever. Op een bankje zitten Vincent (7), Laura (8) en Wesley (7) zich onnoemelijk te vervelen.

Op het drie-stedenpunt waar Den Haag, Rijswijk en Voorburg elkaar ontmoeten vertakt de Trekvliet zich naar de Binckhorsthaven. Het wordt van het ene op het andere moment opvallend groen en gezellig zodat de angst van de randstedelingen voor annexatie op deze plek ineens een stuk begrijpelijk wordt. Park en gelijknamige wijk Cromvliet, het woongebouw De Zwaan en even verderop de wijk Leeuwendaal, het heeft onmiskenbaar wat meer allure. Ik steek de Geestbrug over om aan de andere kant van de Trekvliet de walkant te vervolgen tot aan het kippenbruggetje in het park Hoekenburg tegenover Drievliet. Daartoe loop ik over de Hoekweg waar, zoals de Haagse plannen leren een tweede invalsweg Den Haag straks moet gaan ontsluiten. Gedeeltelijk via een autoweg onder de Trekvliet, gedeeltelijk via het Binckhorsttrace. En dan verder via de achtbanen en de glijbanen van Drievliet naar het nieuwe verkeersknooppunt Drievliet tussen knooppunt Ypenburg en het Prins Clausplein. Geweldig, al die vooruitgang!

Terug naar het Rijswijkseplein zou ik graag langs de andere oever van de Trekvliet willen lopen. Maar dat gaat niet. Teveel hoge hoeden rond prive- en industrieterrein. Dus de Binckhorstlaan maar genomen. Niet dat dat zo'n pretje is. Toch zie ik zo nog eens wat van Den Haag. En leer ik vooral waar dat beton, die auto's en al die telefoons vandaan komen waar de maatschappij zo mee wordt volgepropt. Bedankt Binckhorst, voor al die prachtige gaven aan de vooruitgang!

Tot overmaat van ramp kost een kop koffie in 'Grand cafe De Binckhorst' maar liefst drie gulden. Dat is, zeker gezien de omgeving, heel erg duur. Gelukkig moet ik weer erg lachen om een bronzen standbeeld van Prins Bernhard voor het hoofdkwartier van de Koninklijke Landmacht. En als ik dan zie hoe het op het Trekvlietplein krachtens diverse bordjes is 'verboden om de weg als werkplaats te gebruiken' en even later ervaar hoe de bedrijven van De Kok en De Jong&Zn deze tekst interpreteren is mijn plezier weer tot buitengewoon grote hoogte gestegen.

En omdat hier toch van alles gebeurt wat God verboden heeft klim ik stiekum via een schuin oplopend grindpaadje op de spoorbrug over de Van Maanenkade. Het emplacement en de stationsoverkappingen van het Hollandsch Spoor liggen er in de verte onder een waterig zonnetje zeer vertrouwenwekkend bij. Want af en toe is het goed om te weten dat Den Haag een station heeft. Zodat je er zo gauw mogelijk uit kunt vertrekken.

Julius Pasgeld