Europaranoia

Nog even en de gulden zijn we kwijt. Nu mogen we er de bloemkolen nog mee afrekenen, maar straks - in 2002 - kunnen we al die florijnen bij het oud metaal en in de papierversnipperaar flikkeren. De euro is een feit; bankemployees werkten er graag een nieuwjaarsdagje voor over. En als we de opgewekte berichten mogen geloven, ging het allemaal van een leien dakje. De beursvloer trilde niet. De (elektronische) geldlades trokken er hun schouders voor op. 't Stelde allemaal niet al te veel voor.

Toch zal ik ze missen, die guldens. Die krengen hebben tenslotte zowat een half millennium de dienst uitgemaakt in dit stukje van de wereld (en ver daarbuiten!). Aan de gulden kleeft een vette geschiedenis vol bloed, tranen en handelsgeest. Onze gulden heeft ons gebracht tot waar we gekomen zijn. Waar dat precies is, mag ieder voor zich bepalen, maar met de euro zijn we daar nog lang niet aanbeland. De euro is een nieuwkomer, die z'n waarde nog moet bewijzen. Een waarde die bepaald is op zo'n tweeëneenvijfde gulden. Dat begint dus in ieder geval goed. De euro is meer waard dan de gulden. Maar dat schijnt ook weer niet zo te zijn. Hij is namelijk precies hetzelfde waard als een gulden, alleen kan je er twee komma twee keer zoveel mee kopen. En dat is dus ook weer mooi meegenomen. Als er voordeel te behalen valt, dan schreeuwen wij allen vrolijk mee: 'Die Euro Is Van Ons Allemaal! Yes!'

Ja, ze hebben het mooi verpakt. Je zou er bijna intrappen. Maar wacht maar tot in 2002 de grote vertaalslag plaatsvindt. Dat wordt schrikken bij je salarisstrookje en je banktegoeden. Je hele hebben en houden gedeeld door twee komma twee! De weg naar je eerste miljoen twee komma twee keer zo lang! Ja, dan piepen wij wel anders! Dat was nou ook weer niet de bedoeling!

Maar de prijzen in de winkels zijn toch óók met een dergelijke factor verkleind? Waar, helemaal waar, maar Wórden die prijzen ook echt op een schaal van twee komma twee verkleind?

Een voorbeeldje: men kope een ei. Momenteel kost een beetje scharrelei een cent of 25. In euro's omgerekend zou ditzelfde ei dus 11,36 eurocent moeten kosten. Nu is het nog maar de vraag of er überhaupt eurocenten geslagen zullen gaan worden, maar het is duidelijk dat er sowieso afgerond moet gaan worden. En afronden doen we nooit naar beneden natuurlijk. Het ei zal dus al snel een plakkertje met 12 eurocent op zijn schaal gedrukt krijgen. Maar 12 eurocent is omgerekend in guldens en afgerond 26,5 cent waard. Dat is bijna een dubbeltje per doosje van zes duurder (en kleinere hoeveelheden koop je zelden). En dan heb je het nog maar over een stom ei! Een fles jajem van 19,95 zal heus ook geen 9 euro 7 gaan kosten, maar gewoon 9 euro 95 want de prijs moet psychisch aantrekkelijk blijven. Een pakje sigaretten van vijf-vijftig? Drie euro, net zo makkelijk. En wat kost ons vanaf 2002 een straatkrant? Negentig eurocent, waarvan de helft voor de verkoper? Ik zie 't al voor me, dat gepiel met los kleingeld. Die Euro Is Van Ons Allemaal! Ja Me Hoela!

Die Pleurau Kóst Ons Allemaal!


Gepubliceerd in Haags Straatnieuws, januari 1999

© RJ. Rueb