De absolute meerderheid

De gemeenteraadsverkiezingen zitten erop. En wat een euforie! We hebben gewonnen en niet te weinig ook. Met een score van 51,8 procent hebben we de absolute meerderheid behaald in het lokale parlement. Omgerekend in zetels mogen we ons op liefst 24 pluchen IJspaleiskussentjes nestelen. Wij de niet-stemmers -geleid door onze principes, desinteresse en/of luiheid- wij hebben onze statement gemaakt. De afstand tussen de politiek en de burgers is definitief en onomstotelijk. De bom is geplaatst onder het politieke bestel en de lont knettert alsmaar korter en korter. De politicus die nu nog durft te beweren te besturen met een mandaat van het elektoraat is rijp voor een gezonde lynching. Kielhalen die hap!

Is een verkiezing feitelijk anders dan een referendum. Een volksraadpleging. Niet wezenlijk. Het volk wordt gevraagd zich uit te spreken over hoe men verder wil en met wie. Nou dat is dus duidelijk. De meerderheid van Nederland wil anders verder en met anderen. Trekken we daar konklusies uit, geachte politici? Zal wel weer niet, want zoals gezegd is de verkiezing een referendum en een referendum is alleen maar geldig wanneer een meerderheid van de kiesgerechtigden komt opdagen. In die lijn doorredenerend kunnen we de gemeenteraadsverkiezingen dus het beste ongeldig worden verklaard. En dat betekent voor de politieke pretentiehouders dat er het nodige aan de programma's en vooral de PR gesleuteld moet worden. Alleen, zal het ooit zover komen dat de politiek naar de samenleving luistert? Ik vrees het ergste. Ook al komen er maar duizend burgers naar het stemhokje dan nog zullen de pluche-nestelaars zich niet bezwaard voelen de schuld daarvan bij het volk neer te leggen.

"Dat lage opkomstpercentage betekent dat het goed gaat in Nederland," orakelde Bolkje Bolkenstein een uur na de verkiezingsuitslag. Met ons Nederlanders wel, beste Bolk. En met U? Onnozele! Ook de andere partijen stonden niet al te lang stil bij het enige écht harde gegeven van de hele show. Nee, integendeel. De borstklopperij kon niet hard genoeg zijn (Borst is dan ook wel heel erg geklopt, maar dat terzijde). CDA kruipt terug in het politieke gezichtsveld. De PvdA scoort. D66 keldert en de racisten zijn weggevaagd. En natuurlijk de verwachte opmars der Lokale Partijen, die door de meeste landelijke frakties werden betiteld als 'slechts' protestpartijen. Want wie geen serieuze want landelijke partij is, wordt niet serieus genomen. Partijen die inderdaad slechts bij hoge uitzondering een werkelijk steekhoudend politiek programma hebben. Want welke stad is er met een onafhankelijkheidsbeweging voor een verruïneerd vissersdorp gebaat? En met een stadspartij die eigenlijk alleen maar tegen ontwikkelingen in de stad is schieten we ook niet veel op. Net zo min valt er veel beleid te verwachten van een partij die het tomatengooien tot cult heeft verheven. Het levert in Den Haag in ieder geval nog maar weer eens zeven nietszeggende (dus eigenlijk lege) zetels op. Het gaat goed. Inderdaad. Het gaat goed.

Hoe dan wel? Het parate antwoord waarmee beleidskunstenaars hun opponenten steevast de wind uit de zeilen denken te kunnen nemen. Want je mag alleen maar kritiek leveren als je een alternatief hebt voor hetgeen waar zij mee bezig zijn. Nou ik kan wel wat alternatieven bedenken hoor. Als we nu eens doen: meeste stemmen gelden. Voor de gelegenheid doe ik dan even afstand van mijn overwinningstrots als niet-stemmer. Van alle uitgebrachte stemmen in Den Haag gingen er 39.442 naar de VVD van onze onvolprezen parademerrie Louise Engering. Volgens het bovenstaande principe -dat het altijd opperbest deed bij de besluitvorming op de lagere school; discussie verder overbodig- levert dit een vierjarige diktatuur op voor de VVD. Het Haagse volk gaat gebukt onder het juk van een blond knotje. Niet slecht, want dan wordt tenminste duidelijk wat het in de praktijk betekent wanneer je het onvoorwaardelijke rechtse kapitalisme de vrije hand laat. Het is maar voor vier jaar en dan heb je de komende twee eeuwen geen last meer van ze. Want na vier jaar liberalisme zal geen hond meer dáárvoor kiezen. Dan mag de volgende het proberen. Na een jaar of vierentwintig is iedereen wel een keer aan de macht geweest en dan hebben we zo rond 2024 ons eigen Anarchië aan de Noordzee. Mooi toch.

Maar niet goed genoeg? Laten we ons dan eens per wijk uitspreken over wat we in de stad gedaan willen krijgen. Want iedere wijk heeft zijn eigen insteek in het politieke vraag- en antwoordspel. Wat heeft Transvaal bijvoorbeeld te schaften met prestige-objekten in het centrum, terwijl de ramen daar uit de sponningen rotten. Dat burgers best wijkgericht willen kiezen bewezen de schollekoppen ons de afgelopen maand; de Scheveningse vispartij scoorde liefst drie zetels. Als iedere wijk nu naar ratio uit eigen gelederen gemeenteraadsleden naar voren schuift (échte vólksvertegenwoordigers in plaats van arrogante hotemetoten), dan is er pas een werkelijk draagvlak voor de politieke besluitvorming. Dan kunnen de politieke partijen zich in ieder geval lokaal opheffen en is er alleen maar een deskundig management nodig om het produkt Den Haag naar een hoger nivo te tillen. De president-direkteur daarvan kunnen we altijd nog rechtstreeks kiezen.

Het is een beetje zoals de Staten van Holland, maar dan anders. Op hoe het landelijk anders kan kom ik een ander keertje wel terug. Na het debakel van 6 mei aanstaande. Mijn stemadvies: blijf thuis, dat zal ze leren; is het niet nu, dan is het wel over vier jaar.

Het is allemaal zo verdomd simpel.

 

n.a.v. gemeenteraadsverkiezingen 1998

Gepubliceerd in Circuit, april 1998

© RJ. Rueb