KUNSTKOPPEN

"Kunstkoppen' is een serie duo-columns, die vanaf januari 2001 verschijnt in Uitpost Magazine. In deze serie communiceren RJ. Rueb en cabaretier Marcel Verreck via e-mail met elkaar over het Haagse culturele leven...

EDITIE: SEPTEMBER 2001

Kouwe drukte

Marcel!

Het is hartje zomer als ik dit schrijf. Buiten regent het en dus ga ik er maar eens op uit. De Haagse zomer mag dan nat zijn met hier en daar een zonnestraal, het culturele leven gaat in volle vaart door. Want Den Haag is een festivalstad. Er gaat vrijwel geen dag voorbij of er vindt ergens wel een festival plaats, of dat nu megamega is met een karrevracht aan supersterren in een volgepakt Congresgebouw of minimini op buurtniveau voor anderhalve paardekop en een dozijn vrijwilligers. Je kan je afvragen of dit nog wel leuk is allemaal. Al die keuzes. Al die opties. Al die verplichtingen, want je wilt tenslotte overal bijzijn. Niets missen. Want Den Haag bruist tenslotte maar zelden en je zou dan toch toevallig op vakantie wezen

Vlak voor de zomer had ik het al even over de Parade. Nou, die is net achter de rug. Sterker nog: ik voel 'm nog in mijn benen. Het is maar goed dat Northsea Jazz zo snel uitverkocht was, anders had ik me ook nog in dat feestgewoel moeten mengen. Nee, één avondje opwarmen in de binnenstad leverde me al een fikse kater op. Was allemaal weer eens veel te gezellig. Ondertussen moest ik ook nog even bij Vlietpop kijken en vond er bij mij om de hoek én een braderie plaats én een opvoering van een buurtmusical over de naamgever van de Thomsonlaan. Als sportieveling moest ik tussendoor telkens even naar huis om Michael Bogerd aan te moedigen, die zich met al die andere fietsidioten een helleweg door de bergen aan het pendelen was. Goddank hadden we op dat moment Wimbledon al achter de rug anders was er helemaal geen beginnen meer aangeweest. Want ook in de Koninklijke Schouwburg is er veel te doen en ook daarbij moet ik aanwezig zijn natuurlijk. En als ik daar ben, dan kan ik weer niet bij het buurtfeest in de Bloemenbuurt zijn, dus daar moet ik nog iets op vinden. Ondertussen gaat het werk gewoon door. Terwijl ik de programmafolder van de Ha-Schi-Ba met een hand zit vol te schrijven, hang ik met de andere hand aan de telefoon om HoutRustZacht, het afscheidsfestival van de Houtrusthallen, te organiseren. Ik heb er het feestelijke junkiejump-festival dat ter gelegenheid van Brood's Dood in het Atrium plaatsvindt zelfs voor moeten laten lopen. Jammer, maar waar gefeest wordt vallen splinters.

Nee, het is hier maar een kouwe drukte in ons altijd zo saaie dorp. Festivalhoppen tot je erbij neervalt. Als ik nou nog niet aan een overdosis cultuur bezwijk, dan weet ik het niet meer.

En hoe overleef jij de zomer?
Met zomerse groet,

RJ. Rueb

(www.rjrueb.nl)


RJ!

Het is bewonderenswaardig hoe jij je door al die zomerfestivals heen werkt. Als ik dat lijstje met door jou gevisiteerde spektakels in ogenschouw neem, dan vraag ik me echt af: hoe doet-ie dat? Maar ik denk dat ik het antwoord weet: doping! Van oudsher een sterk aan de zomer gelieerd begrip (Tour de France, Groeten uit Salou) en misschien is dit jaargetijde daarom ook door Herman B. uitgekozen om van het dak af te komen.

Geef maar toe, Rueb, jij hebt van al die festivals niet veel meer gezien dan de lokale tappunten. Daar ben ik na dat gezellige etentje met de Uitpost Haaglanden-familie inmiddels wel achter.

Maar ik geef je gelijk, probeer die evenementen maar eens zonder stimulerende middelen te consumeren. Ikzelf begin er niet meer aan. Aan die evenementen bedoel ik. Bovendien woon ik als gedeserteerde Hagenees zoals je weet midden in de Amsterdamse Pijp en dat is een doorlopend festival.

Zo bevond ik mij laatst op de rand van dramatisch zinloos geweld toen ik in mijn straat een multicultureel urinerende jongeman ('jongeheer' was te veel eer) aansprak op zijn ordinaire performance. Het liep gelukkig met een sisser (!) af, maar duidelijk was dat het publiek, machteloos doch belangstellend, zichtbaar genoot van dit gratis straattheater.

En al kan ik hier in het wél immer bruisende Amsterdam naar het Kwakoe-festival in de Bijlmer of het Festival over het IJ in Noord, voorlopig heb ik aan de voorstellingen in mijn eigen buurt genoeg.

Bovendien ben ik vanaf september weer volop in de running met mijn eigen Van Mars-cabaretprogramma, dus eigenlijk kan al dat festival-gedoe in de zomer me gestolen worden.

Goed dat het er is - toeristen moeten immers ook van en óp de straat gehouden worden - laat mij maar krachten en ideeën opdoen over hoe ik jullie straks de winter door ga helpen.

Zoals jij níet weet, is één van mijn favoriete bezigheden het des ochtends vanuit mijn bed beluisteren van de fileberichten ('Na, de files ga ik eruit!' ­ 'Blijf dan maar liggen') Zo geniet ik ook van reportages over festivals, van de Tour en de Nijmeegse Vierdaagse (uiteraard hier en daar gekruid met metereologische tegenslagen).

Dan zie ik iedereen zich blij en moedig in het zweet werken als artiest, sporter of toeschouwer. Vanuit mijn laffe schuilplaats in het dolce far niente neem ik er glimlachend kennis van. Maar let wel, ik besef me terdege hoe snel alles voorbij gaat.

Want het is alweer september en dus ben ik zelf weer aan de beurt!

Sterkte en groeten,

Marcel Verreck

(www.marcelverreck.nl)

 

Naschrift RJ. Rueb: "Ik ontken alles!"

© RJ. Rueb/Marcel Verreck 2001

reactie: