Trend

Ik pleeg mijn boodschappen doorgaans te doen bij Albert Heyn, de kruidenier die vroeger op de kleintjes lette. Tegenwoordig niet meer, maar dat heeft met marketing te maken. Marketering is een nieuw fenomeen binnen de grootgrutterswereld, hetwelk neerkomt op minder produkten tegen hogere prijzen aanbieden, waardoor meer rijke mensen geneigd zijn de zaak te bevolken, die ­ om de kosten te drukken ­ bereid zijn langer te wachten bij steeds minder kassa's omdat ze dan langer gezien kunnen worden met de door hen aan te schaffen duurdere produkten. De hele wereld is hedentendage één groot open podium tenslotte en aan acteurs is geen gebrek. Maar ik dwaal af.

Aan de voorzijde van de Albert Heyn is namelijk één constante: mijn straatkrantverkoper. Een alleraardigste man die om de een of andere privé reden de straatkrant verkoopt omdat hij anders helemaal geen cent te makken heeft. Normaliter pleegt de man, die ik bij 'mijn' Albert Heyn maandelijks vertroetel met mijn nonchalant terzijde geschoven kleingeld, mij olijk te verwelkomen met een gezellig opgehouden blikje cola, waarin bij nader inzien gewoon bier zit. Zijn adem ­ met steevast een nietsverhullende schuimkraag ­ verhulde wat dat betreft weinig.

Op een goede dag ­ ik was in een dolle bui ­ besloot ik mijn straatkrantverkoper eens goed te in de watten te leggen en de daad bij de gedachte voegend stapte ik vol goed gemoed de Albert Heyn uit met een dorstlessend sixpakkie Heinekens onder mijn arm.

"Gozer," zei ik, "we gaan ons eens gezellig vol laten lopen vanmiddag."
De verkoper keek mij aan met een gezicht alsof hij spontaan begon te walgen. In feite deed hij dit ook. Walgen. Ik keek hem niet-begrijpend aan.
"Bier," zei hij tenslotte. "Bier"
"Bier?" vroeg ik.
"Bier," zei hij. Ik had zelden zo'n goed meningsverschil gehad. "Breezer!" zei hij uiteindelijk. "Ga maar terug en breng me een Bacardi-Breezer."

Er waait een frisse Breez door de wereld en, zo blijkt, ook de daklozenwereld blijft hiervan niet verschoond. Het razend populair geworden drankje Breezer van Bacardi is een regelrechte hit in discotheken, concertpaleizen, café's en voor de deur van de Albert Heijnen van de stad. Breezer lijkt net een frisdrankje, maar is een oprechte alcoholistische versnapering. Je schijnt er sneller bezopen van te worden tegen relatief minder kosten. En is dus een uitkomst voor mensen die zich ondanks een krap budget toch in een instabiele nevelenwolk willen hullen.

Natuurlijk, er zijn grenzen. Daklozen in het algemeen en straatkrantverkopers in het bijzonder zouden er beter aan doen de drank af te zweren. Niet zelden is de drank tenslotte de basis van hun bestaan in de marge van de samenleving. Maar ja, ik weet persoonlijk hoe moeilijk het is om met het gebruik van genotsmiddelen te stoppen. Genot is per definitie lekker en waarom zou je dit aardse bestaan niet op eenvoudige wijze een beetje vrolijker aankleden met wat extra genot. Dood ga je toch, nietwaar.

Natuurlijk mag ik dit niet zeggen en ik meen er dan ook geen flikker van. Maar toch is het misschien geen onaardig idee om de daklozen een beetje tegemoet te komen in hun tragische bestaan door hen van bovenaf wat meer genot toe te dienen. Waar doel ik op? De Soepbus uiteraard. Waarop anders. Jarenlang stond die bus achter consumentenparadijs Babylon op de stoep geparkeerd. (Waarom krijg ik na een kwartier op de stoep al een wielklem?) tegenwoordig rijdt hij de daklozen tegemoet. Met soep. Is soep een genotsmiddel? Misschien als het ijs- en ijskoud is buiten, maar in de zomer? Nee. Ik ken geen enkele dakloze die zich ooit naar een delirium heeft gezopen met soep. Dus is de Soepbus nog wel een maatoplossing voor de hedendaagse dakloze, kan je je afvragen. Welnee! De hedendaagse daklozen wil Breezer!

Vandaar mijn voorstel voor de Breezerbus. Als bijen op de honing zullen ze erop afkomen en als een balletje zo braaf zullen ze de bus even later uitzwaaien om vervolgens in een rustige, diepe slaap te kachelen. De Haagse nachten zullen niet stiller kunnen worden, een enkele snurk daargelaten. Laat de daklozen er weer bij horen, bij deze yuppenmaatschappij waarin status belangrijker is dan persoonlijkheid.

Column t.b.v. bHaags Straatnieuws, augustus 2001

© RJ. Rueb