God bestaat niet (meer)

Soms staan er berichten in de media, waardoor je spontaan van je geloof lazert. Zo vond een ongeregeld zootje bijbelvertalers onlangs dat er voor eens en altijd duidelijkheid moest komen over de Godsnaam. Niet zomaar een beslissing die je tussen neus en lippen door neemt, zo blijkt wel uit de eindeloze discussies die er aan het besluit vooraf gingen. Hoewel we het in de volksmond gewoon over god hebben, moet het in een officiële bijbelvertaling natuurlijk wel allemaal kloppen.

Nu weet niemand echt hoe god heet. In de Hebreeuwse versie van het Oude Testament, die algemeen als bijbelorigineel wordt gezien, werd de naam van god niet uitgeschreven, maar weergegeven in een zogeheten tetragrammaton: JHWH. Wie goed naar Bob Marley heeft geluisterd weet dat je dat toch kan uitspreken: als Jahweh. Hetgeen dan weer god betekent. Maar de oude Joodse god was natuurlijk niet zomaar een god. Nee, om deze god te onderscheiden van al die andere goden moest-ie een andere naam hebben. Dus werd het JHWH. Jahweh, ook wel uitgesproken als Jehova. Tenminste: stiekem, want de naam van god mocht natuurlijk niet worden uitgesproken. Dat kon je op een aardige steniging komen te staan. Barmhartigheid, vergeet het maar. Uiteraard konden de geestelijke overleveraars het godsverhaal natuurlijk niet vertellen zonder het beestje af en toe ook een naampje te geven. Dus werd er een alternatief verzonnen, waarmee god, ik bedoel JHWH, toch uitspreekbaar werd gemaakt: 'Adonaj', hetgeen 'Heer' betekent. Voor de hand liggend, omdat vrouwen in die dagen nog niet bestonden.

In de loop der eeuwen hebben duizenden geestelijken het bijbelverhaal en daarmee de godsnaam onder hun vingers laten doorglijden. Dat doet me denken aan een spelletje dat we vroeger op school deden: de leraar fluisterde op de gang een leerling een zinnetje in het oor. De leerling werd gevraagd datzelfde zinnetje door te lispelen aan een mede-leerling, die het weer doorvertelde aan de volgende. Als uiteindelijk de hele klas aan de beurt was geweest, mocht de laatst ingefluisterde de zin hardop zeggen. En dan bleek dat er een compleet nieuw zinnetje was ontstaan. De les die hieruit geleerd moest worden was dat een overgeleverd verhaal volstrekt onbetrouwbaar is. Datzelfde is op de Bijbel van toepassing. En hop, we knallen d'r dus nog maar weer eens een nieuwe vertaling tegenaan. Met een nieuwe naam voor god, want vertalen is een nieuw verhaal vertellen.

Talloze geleerden kwamen er aan te pas om het oorspronkelijke JHWH te vervangen. De aanduiding 'HEER' (in kleinkapitalen) kwam daarbij telkens weer bovendrijven. Tot de Nederlandse goegemeente zich er tegenaan begon te bemoeien. Zo vonden de feministen het maar moeilijk te verkroppen dat god toch weer als man werd afgeschilderd (inmiddels bestaan er namelijk wél vrouwen, zeggen zij). Anderen vonden 'HEER' te macho; een heer is een heerser en die link naar macht en dominantie strookt niet met het hedendaagse liberalisme. En zo viel er wel meer te zeiken. Een karrevracht aan alternatieve namen werd aangeleverd, met pareltjes als 'Abba vader', 'Dat de Naam aanwezig is', de 'Gans Andere', 'Ik ben die ik ben' en 'Wezer' (mijn persoonlijke favoriet). Maar de bijbelvertalers lieten zich niet gek maken en hielden voet bij stuk: het moest 'HEER' zijn en niet anders.

Goed, god bestaat vanaf nu dus niet meer. We moeten verder met 'HEER'. De maatschappelijk consequenties hiervan zijn groot. Denk maar eens aan de vele samentrekkingen waarin we nu nog gewoon god gebruiken. Even oefenen dan maar:

'Dat kost een HEERsvermogen'
'HEERverdomme, wat een HEERsgruwelijke meur verspreid jij!'
'Het Koninkrijk HEERS kome'
'HEERalleJezus, krijg nou tieten!"
'In Nederland heerst HEERsdienstvrijheid'

Mijn suggestie is om dat hele gedoe rond god gewoon af te schaffen. Laat iedereen lekker geloven in wie hij of zij wil. Voor mij staat god voor 'Geboorte-Orgasme-Dood' (toegegeven: het middengedeelte daarvan is HEERlijk). Niet dat ik daar echt in geloof; het zal mij allemaal de bout hachelen. Maar ik wil niet op mijn woorden hoeven terugkomen als ik aan lekker vloeken toegeef. En in dat kader blijft de godsnaam god verdomme toch veruit de beste optie!

Column t.b.v. Haags Straatnieuws, april 2001

© RJ. Rueb