KUNSTKOPPEN

"Kunstkoppen' is een serie duo-columns, die vanaf januari 2001 verschijnt in Uitpost Magazine. In deze serie communiceren RJ. Rueb en cabaretier Marcel Verreck via e-mail met elkaar over het Haagse culturele leven...

EDITIE: APRIL 2001

Marcel!

Als de mensen dit lezen is het alweer april. De koude wintermaanden leverden weinig spektakel op, zoals gewoonlijk. Het meest culturele wat we mochten beleven was ongetwijfeld het afscheid van wethouder Noordanus, maar die had dan ook een programmeringsbudget bij elkaar gedoneerd gekregen waar menig andere organisator alleen maar van kan dromen. Maar goed, over Noordanus wil ik het hier beslist niet meer hebben. Nergens meer trouwens.

Kijk, we zijn nu alweer drie maanden bezig met elkaar emails te sturen in het kader van het 'kunstkoppen', hoewel die titel gaandeweg in de vormgeving verloren is gegaan. Ik gewoon in Den Haag en jij lekker belangrijk in Amsterdam. En laten we het daar nou dus nog nooit over gehad hebben. Amsterdam! Wat heb jij, als Amsterdammer, eigenlijk te zoeken in de Haagse Uitpost? Oké, het zal in een grijs verleden zijn geweest dat jij trots van de daken liep te schreeuwen een ras-Hagenees te zijn, maar nu je je biezen hebt gepakt en naar volle tevredenheid in de Pijp bent gaan wonen, kan je die bravoure natuurlijk niet meer volhouden. Wie in Amsterdam woont is geen Hagenees. Wel een overloper. Wat heeft de Pijp jou bijvoorbeeld meer te bieden dan pak 'm beet ReVa? Wellicht wat meer yuppenvolk om je aan te spiegelen of juist te ergeren? Wat is er beter, vraag ik me dan af: die yuppen of de grijze dakduiven die de Haagse straten (tussen 8 en 9 uur en tussen 17 en 18 uur) en kantoren (de rest van de dag) bevolken? En qua cultuur: Amsterdam mag dan wellicht een bruisend en cultureel uitgaansleven hebben waardoor er dag en nacht vrolijke volksstammen uitgaanstypes over straat lopen, maar tegen de verstilling van het Spui bij dag&nacht kan toch uiteindelijk niets op?

Nee jongen, het leven mag dan wellicht uit keuzes bestaan, dat is nog geen excuus om de verkeerde keuzes te maken. Ook vanuit Den Haag kan je best cultureel bezig zijn. Het kost alleen wat meer moeite. Daar tegenover staat dat Hagenezen het (net als hun collega's in Hilversum) moeten hebben van een ijzersterk imago en Den Haag is de stad waar je dat imago relatief gemakkelijk kunt opbouwen. Vandaar dat er in tegenstelling tot de grote hoeveelheid voorgebakken Bekende Hagenaars maar weinig zogenoemde Bekende Amsterdammers zijn. Ik zou er althans niet zoveel kunnen opnoemen. Behalve jou dan. Maar ja, jij houd dan ook vooral je naam van Bekende Hagenaar hoog.

 

RJ. Rueb


RJ!

Het is waar, ik woon nu langer in Amsterdam dan ik ooit in Den Haag heb gewoond. Ondanks dit kille feit voel ik mij een Hagenees. Alleen al omdat ik in een emigrantenstad woon. Je weet dat de oorspronkelijke bewoners van het dorp Amsterdam allemaal verplaatst zijn naar Almere, Purmerend en Hoofddorp, een maatregel die deze onsmakelijke oorden nog weer een stuk chagerijniger maakte. (Ik was laatst in Zoetermeer ­ nota bene in het naargeestige nepski-complex Snowworld, waar de Adolf aus Tirol-muzak uit de donkerbruine lambrizeringen sijpelt ­ maar deze overloopplaats van gedeserteerde Hagenezen is nog een wonder van culturele overdaad vergeleken met de drie genoemde opvangcentra rond de hoofdstad).

Maar wat ik zeggen wilde: als emigrant in zo'n overdadige multi-culti-stad verlies je minder snel je eigen identiteit. Sterker nog: je bent geneigd je eigenheid te benadrukken. Bovendien neemt de liefde voor de geboortegrond toe als je er niet dagelijks rondbanjert. En geef toe dat het gros der zogenaamde Beroemde Hagenezen het best gedijen op een plek ver weg van die mooie stad achter de duinen. Als ik in mijn branche kijk ­ Den Haag is dé stad van de cabaretiers ­ dan heb ik hier een fijn lijstje om dat te illustreren: Wim Kan woonde in Kudelstaart, Simon Carmiggelt en Kees van Kooten weken uit naar Amsterdam, Harry Jekkers schijnt in Utrecht te wonen en Paul van Vliet bivakkeert al jaren in Het Groene Hart. En de meest Haagse aller Hagenaars, Louis Couperus, was toch ook verdomd vaak op tournee in het Klassiek Zonnige Zuiden. Hieruit volgend kan ik je maar één advies geven, RJ: verlaat net zoals ik de moederstad, om er af en toe vruchtbaar terug te keren en je zult als literair kunstenaar definitief doorbreken. Tot snel in Amsterdam dus. (Vraag wel alvast een parkeervergunning aan).

Marcel Verreck

© RJ. Rueb/Marcel Verreck 2001

reactie: