R
R
oberts
eizen
Vietnam 2000
Een bijzondere reis, welke zich volledig afspeelde in het uiterste noorden van dit bijzonder boeiende land, en waar ik min of meer bij toeval belandde.
De primaire oorzaak moet worden gezocht in het feit dat ik mijzelf op het werk met volle overgave in een automatiseringsproject had gestort. Hoewel dit mij over het algemeen veel voldoening heeft gegeven, heeft dit dusdanig veel tijd gekost dat ik mij weinig tijd gunde om mijzelf te trakteren op leuke (verre) vakantiereizen; ik schoof de beslissing om iets te regelen derhalve steeds voor mij uit. Een wat kortere maar daarom niet minder leuke en interessante vakantie had ik echter wel geregeld in de vorm van de kanotrek in Zweden. Toch begon het in de zomer enigszins te kriebelen, en begon ik na te denken over iets leuks in het vroege of late najaar.
In veel gevallen geraak je wanneer je georganiseerd op reis gaat - zoals ik gewend ben te doen - in de najaarsperiode wat Europa betreft op zijn minst in de meest zuidelijke landen rondom de Middellandse Zee, en wordt de keuze steeds beperkter naarmate het najaar verstrijkt. En omdat ik op dat moment niet zoveel van mijn gading kon vinden, zat ik algauw in de Verre Reizen-brochures te neuzen.
Ik had niet veel zin om al teveel geld te gaan uitgeven, en daarmee vielen al gelijk de meeste bestemmingen af. Aangezien dit bestemmingen waren waar ik toch al geen zin in had, kwam dat mooi uit. Gevolg was wel dat ik met het probleem zat dat hierdoor de keuze opnieuw zeer beperkt werd, echter dit maakte de keuze tegelijk wel weer een stuk makkelijker. Het is maar hoe je het bekijkt...
Het zag er aanvankelijk naar uit dat ik weer naar "mijn tweede vaderland" Nepal zou afreizen, voor de 4e keer, ik had al diverse mooie trekkings uitgezocht. Omdat ik aan het eind van het vorige jaar nog in Sikkim was geweest, wat vlak naast Nepal ligt en hier erg op lijkt, bekroop mij enige twijfel; het was wel weer erg snel om nu weer naar de Himalaya te gaan, ook al vind ik dat nog zo'n mooi gebied...
Net op het moment dat ik de beslissing zou gaan nemen om toch naar Nepal te gaan moest ik deze onmiddellijk weer uitstellen toen plotseling bleek dat mijn werkgever het niet kon toestaan om in september/oktober op vakantie te gaan. Hierdoor werd de keuze aan Nepal-treks ineens gereduceerd tot slechts 1, en deze stond niet echt bovenaan mijn lijstje... Exit Nepal...
Er bleef hierna nog heel weinig over: twee keuzes slechts. De ene keus was een hele mooie reis naar Zuid-India, en de andere een eveneens mooie reis naar Noord-Vietnam. Aangezien ik vorig jaar dus al naar India (Bengalen & Sikkim) was geweest, leek het mij niet zo'n goed idee om daar nu weer heen te gaan, ofschoon het zuiden van dit grote prachtige land enorm verschilt van de noordelijke gebieden. Noord-Vietnam bleef aldus over, en hoe meer ik erover nadacht, hoe meer het idee ging leven om daar heen te gaan.
Ik had in de afgelopen jaren al diverse verhalen over Vietnam gehoord, en ik kan mij niet herinneren dat daar negatieve klanken uit waren voortgekomen. Sterker nog, ik had daar al diverse mensen enthousiast en gepassioneerd over horen vertellen. En natuurlijk had ik al lang geleden de prachtige boeken van Carolijn Visser (Hoge Bomen In Hanoi) en Dolf de Vries (Vietnam In Een Rugzak) gelezen, boeken die mij zeer hadden geboeid. Toen ook nog bleek dat mijn werkgever het toestond om in november op vakantie te gaan en er bovendien nog plaats was in de groep om uberhaupt mee te kunnen, had ik eigenlijk geen redenen meer om er niet heen te gaan.
En zo viel de beslissing, en zo is het gekomen...
De reis was gevarieerd van opzet, waarbij het maken van wandelingen een belangrijk onderdeel vormde. Een prima hotel in de fascinerende stad Hanoi fungeerde als een soort basis; het was het aankomst- en vertrekpunt van de reis als zodanig, en we kwamen er gedurende de reis tweemaal terug, op doorreis naar gebieden welke wat verder waren gelegen. Dit had voor mij althans het voordeel dat ik vanuit Hanoi het thuisfront middels e-mailtjes op de hoogte kon houden van mijn belevenissen, want inderdaad, het fenomeen Internet is ook tot in Vietnam doorgedrongen. Enkele tientallen Internet-cafeetjes zijn in luttele tijd als paddestoelen uit de grond geschoten; "internetten" kost maar een paar cent per minuut (in tegenstelling tot gewoon telefoneren), en het sturen van een mailtje gaat vliegensvlug (in tegenstelling tot het versturen van ansichtkaarten).
De eerste wandeling werd gemaakt in de omgeving van Hoa Lue, gelegen op zo'n 100 km ten zuiden van Hanoi. Dit gebied wordt ook wel "de droge Halong Baai" genoemd vanwege de steile kalkbergen welke zich uit het vlakke landschap verheffen. Het was een erg mooie wandeling welke zo te merken nauwelijks door andere toeristen wordt gemaakt, want wij kwamen behalve onszelf geen andere toerist tegen.
Vanuit Hoa Lue reisden we door naar Cuc Phuong N.P., een zeer dichtbebost gebied waar we een dagwandeling maakten door een secundair/primair oerwoud. Het was een zeer pittige wandeling vanwege het vele klimmen, kruipen en bukken, maar ook vanwege de vochtige warmte en misschien voor enkelen ook nog vanwege de bloedzuigers - waarvan er gelukkig niet zo heel veel waren.
Na een kort verblijf op onze basis in Hanoi vertrokken we voor 10 dagen naar het uiterste noorden, vlakbij de grens met China, het gebied waar vele etnische minderheden leven. Deze "bergvolkeren" gaan nog vrijwel volledig gekleed in hun originele klederdracht, welke over het algemeen zeer divers en kleurrijk is. Erg interessant voor de toeristen ook, en het is maar te hopen dat de oorspronkelijkheid niet teveel wordt aangetast door al te foto-schietgrage en/of al te schaars geklede toeristen die niet het geduld en respect kunnen opbrengen om deze unieke cultuur met voorzichtigheid te observeren.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
We belandden na een lange rit met jeeps in het dorp Sapa, een geliefd doel van veel toeristen, waarvan de meesten niet verder komen dan de kleurrijke zaterdagmarkt van het dorp zelf en de nabije omgeving. Dat is op zich niet verwonderlijk, want op deze manier valt er al aardig wat te zien en te beleven.
We hadden de pech dat we juist op een verkeerd moment in Sapa aankwamen, want het zat nogal dicht met mist, iets wat hier wel vaker voorkomt; in feite vormen zich hier vaak wolken doordat warme vochtige lucht vanuit de dalen en de vlakte van de Rode -rivierdelta in de hogere en koudere berggebieden condenseert. Het is dan veelal niet echt aangenaam vertoeven in en om Sapa. Kil, koud, nat, brrrrrr...!
Gelukkig verbleven we slechts kort in Sapa, want de volgende dag vertrokken we voor een 2-daagse lichte trek door wat meer afgelegen terrein. Op de eerste dag liepen we 's ochtends in de mist, maar kwamen na een lange maar geleidelijke afdaling onder de wolkenmassa's waardoor we wat meer uitzicht kregen. Gelukkig regende het hoegenaamd nooit - op wat lichte miezerregen na - en was het in het geheel niet koud meer. De wandeling was prachtig, en we ontmoetten vele bergbewoners van diverse stammen, waarvan velen in hun traditionele dracht liepen, de ene dracht nog mooier dan de andere. De mist gaf het geheel een ietwat mystieke sfeer, waardoor ik de cliche-matige kreet "Het heeft toch wel iets..." (de mist) enige malen hoorde weerklinken vanuit de kelen van mijn reisgenoten; de bekende manier om wat minder gunstige weersomstandigheden van je af te praten.
We kwamen aan in een Tay-dorp, waar we onze intrek namen in een mooi huis waarvan de eigenlijke bewoners dus tot de Tay-stam behoren, en een centje bijverdienen door zo nu en dan onderdak te verlenen aan de enkele groepen toeristen die zich (te voet) wat meer uitsloven dan de meeste toeristen plachten te doen. Naar omstandigheden was ons verblijf zeer gerieflijk: dikke matrassen en dekens, prima klamboes, een zeer ruime huiskamer, Cola (...), Fanta (...), Sprite (...), bier, en een zeer uitgebreide en dito smakelijke avondmaaltijd, bereid door een aardige jongedame die als lokale gids annex kokkin ons vergezelde.
De volgende dag liepen we onder iets betere omstandigheden vrolijk verder, en genoten andermaal van de prachtige omgeving - zo mooi dat het sombere weer er nauwelijks afbreuk aan deed - en ontmoetten andermaal vele kleurrijke en vriendelijke bergbewoners. Uiteindelijk kwamen we na een heel gemeen klimmetje, waar ik mij dermate moest inspannen dat de term "vakantie" even op de achtergrond geraakte, aan bij een weg waar we werden opgewacht door onze trouwe chauffeurs met hun jeeps. We reden vervolgens weer terug naar "ons" hotelletje in Sapa, waar het nog altijd kil, koud en nat was, brrrrrr...!
Vanuit Sapa reden we de volgende morgen in een paar uur naar het dorp Tam Duong. Niet lang nadat we Sapa uitreden zagen we de wolkenmassa's steeds meer wijken en kwam de zon tevoorschijn, en tegen de tijd dat we in Tam Duong aankwamen was het heerlijk zonnig weer. Het hotelletje was sfeervol en op een mooie locatie gesitueerd, met een prachtig uitzicht over de rijstvelden. We maakten er een hele mooie korte namiddagwandeling waarbij we door een aantal gehuchtjes kwamen welke garant stonden voor nieuwe ontmoetingen met (kleurrijke...) bergbewoners. Gek eigenlijk dat dit nooit scheen te vervelen, maar dit kwam waarschijnlijk door het besef dat deze mensen niet speciaal voor ons toeristen zo mooi gekleed gaan maar dat dit gewoon hun normale levenswijze is. Puur cultuur dus. Voorts leverde deze wandeling hele mooie vergezichten op vanaf met name de hoger gelegen hellingen, want er moest wat geklommen worden...
Een hilarisch moment ontstond door een verwarring tussen onze groep en de lokale gids, welke geen Engels sprak (of enige andere taal behalve Vietnamees...). Deze jongeman was door onze "eigen" Vietnamese gids Phuong (die heel goed Engels sprak) met ons meegestuurd, en had de nadrukkelijke opdracht van Phuong meegekregen extra goed op onze gezondheid te letten. Dit hield enerzijds in dat hij er goed op moest letten dat er geen toeristen gebeten zouden worden door honden in de dorpjes, en anderzijds dat zij het vooral niet in hun hoofd haalden om water uit een beekje of dorpskraan te drinken. Deze laatste regel had hij waarschijnlijk zelf bedacht, maar hoe het ook zij, op een gegeven moment kwamen we op een punt uit dat wij als groep wel even wilden gaan zitten om wat te drinken en te rusten. Onze reisbegeleidster probeerde dit met handen en voeten aan de beste knaap uit te leggen, maar dit wilde maar niet lukken. Nu was de situatie toch al wat gespannen geraakt doordat we de indruk hadden gekregen dat onze gids de weg een beetje was kwijtgeraakt; dit kwam zeer waarschijnlijk door zijn overdreven waakzame gedrag. Uiteindelijk kwamen een veldfles en drinkgebaren er nog aan te pas om onze steeds meer verstoord kijkende gids onze bedoelingen duidelijk te maken, maar het mocht niet baten... Dus liepen we maar weer verder. Een half uurtje verderop mochten we ineens wel gaan pauzeren van de gids? We snapten er helemaal niets van...
De gids bleek gelukkig de weg helemaal niet kwijt te zijn, en dus kwamen we weer veilig en wel in Tam Duong terug. 's Avonds werd ons via Phuong duidelijk hoe de vork in de steel zat. De gids had het helemaal verkeerd begrepen: hij dacht dat we onze veldflessen wilden gaan bijvullen in een beekje, en vond dat uiteraard bepaald geen goed plan. Hij weigerde om deze reden hardnekkig om ons te laten rusten (en onze veldflessen bijvullen) bij het beekje...
11.
Vanuit Tam Duong vertrokken we voor onze tweede 2-daagse lichte trekking, waarbij we zouden overnachten in een soortgelijke accomodatie als bij de vorige trek, met het verschil dat het ditmaal een stuk primitiever zou zijn, en bovendien betrof het ditmaal een huis wat door mensen van de Thai-stam bewoond was. De tocht werd echter minder zwaar gemaakt als in het oorspronkelijke programma werd aangegeven doordat onze meeste bagage (voornamelijk slaapspullen) werd vervoerd door een aantal jongemannen op lichte motorfietsen, en we een eindje op weg werden geholpen door onze jeeps. Dit werd zo te merken door een paar reisgenoten minder op prijs gesteld; ik denk dat ze het als "vals spelen" beschouwden, maar het kan ook dat ze liever van zwaardere treks hielden. Ik vond het zelf echter allang best, ik was op vakantie...! Mijzelf afbeulen had ik al eens op andere reizen gedaan, deze reizen waren daar overigens wat meer op afgestemd doordat het "afbeulen" hier een pure functie had aangezien er gewoonweg geen andere mogelijkheden waren om je in het terrein voort te bewegen, laat staan dat er sprake was van bagagevervoer.
Aldus kwamen we na een mooie afwisselende wandeling op de eerste dag aan in een Thai-dorp met de naam Man. Het huis was inderdaad een stuk minder gerieflijk dan het onderkomen tijdens de eerste 2-daagse trek, maar daarom niet minder sfeervol. Het belangrijkste gemis uitte zich in het ontbreken van enig sanitair, met name een toilet, hoe eenvoudig ook... En doordat we in een zeer ruime belangstelling stonden van vooral de jeugdige inwoners van het toch wel grote dorp, was het erg lastig om ergens ongestoord je behoefte te doen. Dit had bij mij het effect dat deze roep der natuur spontaan tijdelijk werd stilgelegd.
Het grootste deel van de tijd in het huis brachten we door met loom rondhangen op de smalle veranda voor het huis, terwijl we uitgebreid werden bekeken door de dorpelingen. De brutaalste kinderen kwamen gewoon bij ons op de veranda zitten, maar uiteindelijk werd het wat al te dol en werden ze steeds weggejaagd door de eigenlijke bewoners - onze gastheren - van "ons" huis. Dit werd min of meer gecompenseerd doordat wij zelf wat in het dorp gingen rondwandelen, waardoor de kinderen ruimschoots de gelegenheid kregen om ons van nabij te bewonderen. Een uitgelaten menigte van kinderen vergezelde een ieder van ons, altijd en overal. Tijdens mijn eigen uitstapje bereikte de uitgelatenheid van de kinderen een hoogtepunt op het moment dat ik een beetje met ze ging dollen door met een paar van hun zelfgemaakte ballen te gaan overgooien en voetballen. Vanwege de warmte besloot ik al na korte tijd om daar weer mee op te houden, en sloeg het aanbod om de balspelen op een stoppelig rijstveld voort te zetten dan ook wijselijk - en tot ontzetting van de kinderen - af...
De ietwat primitieve omstandigheden ten spijt werden wij zeer aangenaam verrast door een toch weer zeer uitgebreide en smakelijke avondmaaltijd, waar onze "bloedeigen" gids Phuong ditmaal in belangrijke mate voor verantwoordelijk was...!
Na het avondeten ontstond er een zenuwachtige en tegelijk komische situatie doordat iedereen ineens naarstig op zoek ging naar de meest ideale (slaap)plek voor de nacht. Vanuit het besef dat er van een gezonde ongestoorde nachtrust in deze primitieve en chaotische accomodatie waarschijnlijk geen sprake kon zijn, besloot ik even niet mee te doen aan deze "slaapplaatsenjacht", en wachtte rustig af. Er bleef tenslotte een smal krap plekje over pal naast mijn "Vlaamse slapie" Frank, waar ik het merendeel van de reis een kamer mee deelde. De plek was dermate krap dat we even overwogen om de 2-persoons klamboe van Frank samen te delen, maar uiteindelijk hing ik toch maar de mijne ernaast. Niet veel later lag ik onder de klamboe op mijn spartaanse 9mm-dunne Karrimat, en maakte mij weinig illusies omtrent een lang verblijf in Dromenland. Groot was mijn verbazing toen ik bemerkte dat reeds zo'n tien minuten later duidelijke slaapgeluiden vanuit Frank's richting klonken...
De volgende dag bleek inderdaad dat ik, en de meeste anderen, niet hun meest weldadige nachtrust hadden genoten. Het gemis aan slaap werd echter goeddeels onderdrukt doordat wij werden beziggehouden door de ongewenste gebeurtenis welke zich gedurende de nacht in ons huis had afgespeeld: we waren bezocht door dieven... Van diverse mensen was e.e.a. gestolen. Het meest vervelende was dat een van ons haar contactlenzen en bril was kwijtgeraakt. Ook vervelend was de diefstal van een camera van een andere reisgenote, alsmede wat waardepapieren van weer een ander. In totaal waren zes of zeven mensen slachtoffer geworden van de brutale diefstal, die een behoorlijke domper zette op ons verblijf alhier. Hierdoor namen we op een vreemde manier afscheid van de bewoners van het huis, en hadden we enige moeite om nog van de wandeling van de 2e dag te kunnen genieten - en dat terwijl deze opnieuw zeer de moeite waard was...

We kwamen uit bij het plaatjse Phong Tho, waar we weer werden opgehaald door onze jeepchauffeurs. Na hier de lunch te hebben gebruikt reden we door naar de plaats Lai Chau, waar we het mega-gehorige hotel "Lan Anh" betrokken. Dit was een heel aparte ervaring; het was er zo gehorig dat je de buren bijkans kon horen fluisteren... Het was daarbij veelal ook nog mogelijk om via diverse kieren en gaten in de muren de buren te begluren, wat ik natuurlijk niet heb gedaan (ech' waar hoor Tonio en Ieke...!).
Behalve het gedenkwaardige verblijf in het Lan Anh Hotel maakten we ook hier een prachtige wandeling in de nabije omgeving, met andermaal de nog altijd niet vervelende bekende ingredienten Natuur en Cultuur in zeer ruime mate voorhanden...
En verder ging het weer met de jeeps, richting Son La, een vrij grote plaats welke na een dag rijden over voor een belangrijk deel onverharde doch in redelijke staat verkerende wegen werd bereikt. Hier werden we zeer gastvrij onthaald in het "Trade Union" hotel, een groot en behoorlijk comfortabel hotel met over het algemeen mooie schone kamers. Een heel verschil met de vorige accomodatie, maar dat maakt reizen zoals deze soms zo leuk.
Onder prachtige weersomstandigheden maakten we in de omgeving van Son La een werkelijk schitterende wandeling door een zeer afwisselend landschap. Hierbij moest af en toe behoorlijk stevig worden geklommen, wat door de warmte nog extra werd verzwaard. Een extra veldfles met water in de rugzak was een zeer welkome en verstandige aanvulling...! De beloning voor de inspanningen was echter groot, en we genoten met volle teugen.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
Vanuit Son La reden we voor de laatste maal met de jeeps in een lange rit terug naar Hanoi, en kwam er een eind aan ons 10-daagse verblijf in het uiterste noordwesten van Vietnam.
In Hanoi kwamen we heel even op adem, om de volgende dag direct alweer door te reizen naar de Halong Baai. In deze fantastische en zeer tot de verbeelding sprekende mooie omgeving maakten we een paar prachtige boottochten. We hadden ongelooflijk veel geluk met het weer, want mooier weer konden we echt niet hebben: strakblauwe luchten, en zon, zon, zon en nog eens zon... Echt "ansichtkaartenweer".
We bezochten een tweetal indrukwekkende grote kalkgrotten, welke grotendeels prachtig verlicht waren en verrassend schoon en goed onderhouden. We hadden ook nog eens de mazzel dat we op het moment dat wij de grotten bezochten weinig andere toeristen in de grotten aantroffen, waardoor we in alle rust konden rondlopen, en al het moois volledig op ons konden laten inwerken. Uiteraard zal een ieder van onze groep het op zijn of haar eigen manier hebben ervaren, maar feit is dat ik zeer onder de indruk was van ons verblijf in de Halong Baai, en het was dan ook hier dat ik mijn tweede "Fisherman's Friend Expierience" (FFE) meemaakte terwijl ik op het dak van onze boot de zonsondergang bekeek.

De eerste FFE overigens had ik al aan het begin van de reis meegemaakt, tijdens de voorstelling van het Waterpoppentheater in Hanoi. Ik was hier totaal niet op voorbereid, en wist dan ook niet goed wat ik ervan moest verwachten. Ik hoopte eerst dat het niet een urenlang vervelend schouwspel zou gaan worden, maar werd al direct na aanvang van de voorstelling compleet overrompelt door prachtige muziek waardoor ik binnen enkele minuten met kippenvel en vochtige ogen verstijfd in mijn stoel zat... De razendknappe manier waarop de diverse poppen en andere objecten vanachter de schermen over, onder en door het water werden bewogen middels lange stokken onder water, begeleid door muziek, zang en (af en toe) lichteffecten (vuurwerk) deed mij algauw wensen dat deze voorstelling inderdaad uren zou gaan duren, maar helaas was het na een uur al voorbij.
Zeer diep onder de indruk verliet ik nog enigszins beduusd het theater, om even later mijn bevindingen met licht trillende stem in volgens mij niet mis te verstane positieve bewoordingen te melden aan onze reisbegeleidster - die aanvankelijk dacht dat ik een geintje maakte.
Ik was nu al oprecht van mening dat deze reis voor mij niet meer stuk kon. "Laat het voor de rest van de reis maar plenzen...!"

We deden het eiland Cat Ba aan, waar we drie nachten verbleven in een comfortabel hotel met fenomenaal uitzicht vanaf het hooggelegen dakterras op de boeiende haven, waarop honderden vaartuigen ronddobberden, voornamelijk vissersbootjes en woonboten. Het was duidelijk dat toerisme hier nu nog bijzaak was.
We maakten op Cat Ba onze laatste wandeling welke voornamelijk door een zeer dichtbegroeid woud voerde, waar zo nu en dan veel geklauterd moest worden over scherp gesteente. Hierdoor werd het een pittige wandeling waarbij er weinig gelegenheid was om op je gemak om je heen te kijken. Desondanks was het een mooie wandeling, en een goede gelegenheid om de luiheid weer wat te verdrijven uit onze lichamen die de afgelopen dagen weinig meer hadden gedaan dan rondhangen in bussen en op boten.
Er volgde nog een "vrije dag" op Cat Ba, en op deze dag begon ons geluk met het weer een beetje op te raken. De zon verdween en werd ingeruild voor een somber wolkendek, waaruit gelukkig geen regen kwam. Met een meerderheid van de deelnemers maakten we opnieuw een boottocht in de middag, maar verwend als we waren door het prachtige weer van de afgelopen dagen, oogde de omgeving nu een stuk minder mooi.

De volgende dag voeren we met een behoorlijk snelle veerboot, welke er van buitenaf als een niet al te betrouwbare roestbak uitzag, naar de havenstad Haiphong, waar een bus ons weer stond op te wachten om ons naar Hanoi te brengen.
In Hanoi verbleven we bij elkaar nog een dag, en dit stond voor de meesten vrijwel volledig in het teken van het kopen van souvenirs. Niet verwonderlijk als je het aanbod aan souvenirs bekeek, want dit was bijkans overweldigend. Vooral het kopen van allerlei zijden kledingstukken tegen zeer aantrekkelijke prijzen oefende op ons een grote aantrekkingskracht uit - ook op mij.
Helaas was het inmiddels echt slecht weer geworden in Hanoi, want het regende vaak maar gelukkig meestal niet hard. We werden hierdoor niet al teveel gehinderd, althans niet waar het onze jacht op souvenirs betrof. Het was wel jammer dat hierdoor de zin om nog wat musea te bezoeken leek te zijn verdwenen. Extra jammer omdat aan het begin van de reis, toen we ook al een vrije dag in Hanoi hadden, veel musea waren gesloten. Geen herkansing aldus.
Het leek wel alsof de weersomslag ook een diepere betekenis had: het was tijd om afscheid te nemen van dit prachtige land...

Het was een reis vol verrassingen geweest. Om te beginnen was het al een verrassing dat ik min of meer bij toeval in Vietnam was beland, maar daarbij was bijna elke belevenis, elke plek, elke accomodatie en noem maar op, vrijwel altijd totaal anders dan wat ik mij er vooraf van had voorgesteld - zonder uitzondering was het altijd mooier en boeiender...
Wat mij van deze reis vooral zal bijblijven, is dat ik zo ontzettend genoten heb, dat ik mij er behoorlijk thuisvoelde, dat ik er echt even helemaal uit was, VAKANTIE...!
Is ook weleens leuk.

Ik kan dan ook zeer van harte deze reis aanbevelen bij een ieder die van dit soort reizen houdt!

Met dank aan al mijn reisgenoten, onze reisbegeleidster Mariette Weber en niet te vergeten onze fantastische Vietnamese gids Phuong...!
Deze reis werd gemaakt met:
Ga naar de SNP-site