R
R
oberts
eizen
Nepal/Everest 1997
In 1997 trok ik voor de derde keer naar Nepal, een land dat zes jaar eerder mijn hart had gestolen toen ik de bekende trek "Rond Annapurna" maakte.
Het lopen door de meest prachtige landschappen, de zeer rijke cultuur en de vriendelijke Nepalese bevolking maakte dat ik mij er zeer thuis voelde. Ondanks de ontberingen, dat wel, want het is bepaald geen makkelijk land om te bezoeken. Dit uit zich vooral in de slechte hygiene, veroorzaakt door de veelal primitieve omstandigheden, waardoor een ziekte heel snel is opgelopen. Tijdens de eerste trek had ik dan ook vrij veel last van buikloop, terwijl bovendien (wellicht mede daardoor) de hoogte mij nu en dan aardig parten speelde. Gelukkig kon ik desondanks de trek met groot succes volbrengen.
Een jaar later liep ik wederom in Nepal, dit keer een zwaardere trek in de vorm van de snel in populariteit toenemende Dolpo-trek. Beslist een hele mooie trek, maar meer nog dan tijdens de vorige trek werd ik in hevige mate geplaagd door ziekte. Achteraf bleek ik wekenlang te hebben rondgelopen met een Giardia-infectie, en is het nog een klein wonder dat ik de tocht heb kunnen volbrengen.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
De Everest-trek kwam een beetje uit de lucht vallen, want eigenlijk zou ik een trektocht door Noord-Chili maken. Deze ging jammergenoeg vanwege te geringe deelname niet door, dus moest ik op zoek naar een alternatief. Dit was snel gevonden, de Everest-trek stond al langer ergens op mijn verlanglijstje. Bovendien werd deze in hetzelfde seizoen uitgevoerd als de afgelaste Noord-Chili-reis, zodat ik op mijn werk niet opnieuw in onderhandeling moest over een andere reisperiode.
De hernieuwde kennismaking met Nepal stond ook een klein beetje in het teken van revanche. Ik wilde nu weleens zien of ik ook door dat land kon reizen zonder vrijwel voortdurend allerlei ziektes en kwaaltjes onder de leden te hebben. Hiervoor zou ik een nog strengere hygiene toepassen dan tijdens de twee eerdere Nepal-reizen. dit hield met name in dat ik in Nepal geen vlees zou eten - dus tijdelijk vegetarier zou zijn. In het bijzonder in Kathmandu zou ik extreem voorzichtig zijn met eten en drinken, ik wilde kost wat kost gezond aan de trek beginnen.
18.
En of het nu werkelijk aan de vegetarische manier van leven heeft gelegen weet ik niet, maar feit is dat ik inderdaad een stuk gezonder ben gebleven. Ik werd in elk geval tot mijn grote opluchting niet geveld door buikloop. Toch werd ik nog behoorlijk geplaagd door een hardnekkige verkoudheid, welke ik waarschijnlijk heb opgelopen tijdens de aanloop door het veelal warme en vochtige voorgebergte in de eerste twee weken. Dit mondde uiteindelijk uit in een zeer pijnlijke keelontsteking in het hooggebergte, waarbij ik voor de resterende anderhalve week vrijwel mijn stem kwijt ben geraakt.
Ondanks dit ongemak slaagde ik er ruimschoots in om van het verblijf in het hooggebergte te kunnen genieten, al had ik er achteraf graag nog wat meer uit willen halen. Maar dat zat er helaas niet in, en dat was ook voor een deel te wijten aan tijdgebrek - soms het nadeel van het maken van georganiseerde groepsreizen, waarbij doorgaans in niet meer dan een week of drie, vier een vrij strak programma moet worden gevolgd.
De mooiste dag van de trek was ongetwijfeld de dag waarop we van Dingboche naar Lobuche liepen. Het was werkelijk schitterend weer, de tocht was erg zwaar maar fantastisch mooi en we zouden de hoogste overnachtingsplaats bereiken, wat voor mij een nieuw record zou betekenen. Daarbij kregen we zicht op de noordelijke bergketen welk de grens vormt tussen Nepal en Tibet, met bergtoppen als Pumori en Lingtren, en niet te vergeten de Nuptse.
De klim van Dhugla naar de Khumbu-gletsjer was de zwaarste die ik ooit maakte, maar dat maakte de voldoening des te groter. Dat gold ook voor het bereiken van Lobuche, waar ik vrijwel uitgeput aankwam. Het is op deze dag dat ik een nog veel groter respect heb gekregen voor diegenen die de bergen beklimmen waar ik mij tussen bevond... Als ik het al zwaar vond op zo'n lullig heuveltje van pakweg 4000 meter hoog, hoe moet dat dan wel niet voelen als je op een hoogte rondloopt welk meer dan twee keer zo hoog is?!
Na het bereiken van het hoogste punt van de trek, de Kala Pattar met een hoogte van naar schatting 5630 meter, sloeg het weer om. Dat gebeurt wel vaker in de Himalaya, maar slecht weer in de Himalaya is vaak een stuk spannender dan hier in Nederland. Nadat we 1300 meter waren afgedaald tot aan Pheriche, waar we met invallende duisternis arriveerden, begon het in de loop van de avond te sneeuwen. Dit zou aanhouden tot de volgende avond. De volgende dag lag er een dik pak sneeuw, en liepen we naar Deboche. De dag daarop was het weer heel mooi weer, en liepen we door de dooiende sneeuwmassa's naar Namche Bazaar. Twee dagen later arriveerden we weer per vlucht vanuit Lukla in Kathmandu, waar we hoorden dat het in grote delen van Nepal noodweer was geweest. Op een andere trektocht in de buurt van Dhaulagiri schenen zelfs mensen omgekomen te zijn - waarschijnlijk Nepalese dragers.
In Kathmandu konden we bijkomen van de inspanningen van de afgelopen weken en ons weer in betrekkelijke luxe laten verwennen. Ik maakte daar dan ook met volle overgave gebruik van. Ik kocht een hoeveelheid souvenirs als nooit tevoren, voornamelijk boeken over bergbeklimmen, welke ik kocht bij "Pilgrim's", het boekenpaleis van Kathmandu wat hier in Nederland beslist niet zou misstaan!
Met een lood- en loodzware rugzak toog ik in vele opzichten voldaan naar Nederland, in de overtuiging dat dit, als het aan mij zou liggen, nog niet mijn laatste bezoek aan dit prachtige land was geweest...!
Deze reis werd gemaakt met:
Ga naar de site van HT Wandelreizen