Bagven ofwel de kruising bij Princeville

De 'nevelvlek' Bagven. Het asfalt op de foto staat in heel Nederland bekend als de kruising Princeville. Van links naar rechts de vierbaans A16 die straks zesbaans wordt, terwijl parallel aan deze weg de hsl is gepland.

De boerderijen linksonder op de foto zijn, vooruitlopend op de totale vernieuwing van de kruising, al gesloopt. 'Onder' het huidige viaduct stond ooit de herberg Het Spreeuwken. Het moet een van de meest gebruikte stukken grond van de Lage Landen zijn. Wie auto rijdt of met de trein reist, komt er wel eens langs. Of rijdt er overheen. Maar wie in Nederland kent Bagven? Toch ligt hier het kruispunt van de A16 en de A58. Het is de westelijke uitvalsroute van Breda. Hier razen goederentreinen, intercity's en straks de hsl. Moderne planning heeft het gehucht Bagven doorsneden en geasfalteerd.
Het is een permanent nationaal verkeersknooppunt geworden, vooral bekend als de kruising bij Princeville.
Die kruising ligt als een grafmonument bovenop Bagven. Het enige dat er nog van over is, is de naam: de Bagvense Straat. Niet meer dan een smalle streep met brandnetelbermen en daarachter schrikdraad, koeien, kassen en maïs.

Verzameling huizen

Ooit was het een vierkante kilometer gespreide bewoning, een losse verzameling huizen, een gehucht van de voormalige gemeente Princenhage.
Toen de eerste kolonisten het woeste en ledige westen van Noord-Brabant binnentrokken, troffen ze een land van zand, veen, vennen, beken en riviertjes. Op een lage zandrug, ten westen van het huidige Breda, vestigden zich de vroegste bewoners van Bagven, wellicht al rond 900.
De zandrug vormde de waterscheiding tussen twee beekjes, de Bijloop in het zuiden en de Bagvense Loop in het noorden. Zo ontstond Bagven, een nederzetting waar ieder zijn eigen erf, zijn eigen bedoeninkske of zijn eigen scharrelende kippen had. Die ongerichte, maar vriendelijke scharrelplanning vind je nu nog terug in België. Daar hebben ze er een mooie term voor gevonden; de nevelvleknederzetting. Zo'n nevelvlek vraagt om ruimte en die was er toen Bagven ontstond, nog genoeg.
Bagven is een heel oud landbouwgebied. Het moet rond 1250 ontgonnen zijn. In het wilde weg, lijkt het, al kan de nog altijd bestaande lange rechte Bagvense Straat de indruk wekken dat er toch sprake is geweest van enige planmatige aanpak. Langs die straat kwamen een paar flinke boerderijen.

Sociale eenheid

Bagven wordt voor het eerst vermeld in 1292 in Middeleeuwse stukken. Een compacte dorpskern is het nooit geworden. Toch vormden de bewoners van die huizen en boerderijen een sociale eenheid met een eigen naam. Bovendien wist je goed wanneer je grondgebied van Bagven betrad, want even buiten Princenhage stond een afsluiting: het Bagvense Veken. Dat was de grens, daar kwam je in Bagven.
Tot de zestiende eeuw lagen enkele percelen heide daaromheen. Die zijn in 1621 deels bij het Liesbos gevoegd, terwijl de rest in later jaren is bebost of als weide gebruikt om tenslotte, zoals de meeste grond van Bagven, te eindigen als akkerland of tuinbouwgrond.

Kleine gemeenschap

Door de eeuwen heen bleef Bagven een kleine gemeenschap. In 1620 stonden er vijftien huizen en hoeven, in 1750 waren dat er dertig. Een dorp is Bagven nooit geworden: het bleef een gehucht. In tegenstelling tot Princenhage dat onder de rook lag van Breda.
Rond 1800 was Bagven een typisch Brabantse 'nevelvlek' bestaande uit boerderijen met rieten daken, hooischelven en karren in de karschop en een bakhuisje op het erf. Aan huis lag de moestuin, een boomgaard en een weitje voor het paard. De boeren beschikten over hooiland in de Haagse Beemden en een blokje heide ergens onder Rijsbergen. Tussen de boerderijen, aan zandpaden, woonden de landarbeiders. Ze verhuurden zich als dagloners aan de boeren. Breed zullen ze het niet gehad hebben.

Armenhuisjes

In Bagven stonden in die tijd drie armenhuisjes. Een van de gezinnen verdiende wat bij met een huisweverij. Tijd voor vertier was er wel, maar geld voor verteer nauwelijks.
Toch hing bij een van die huisjes de spreeuwenpot buiten. Wie de schilderijen van Pieter Breughel kent, weet wat dat symbool betekent: een herberg. Ruwhouten banken, kannen bier, jolijt en weggedronken leed. De herberg Het Spreeuwken stond ergens tussen Piet Friet, de huidige frietsalon Liesbos, en de A16: in de middenberm tussen het viaduct en Princeville. De herberg lag daar strategisch aan het ontluikende kruispunt van wegen ten westen van Breda.
De kroeg was zo bekend dat op sommige kaarten van rond 1700 heel Princenhage en zelfs het heel wat verder weg gelegen Prinsenbeek als 'Het Spreuken' wordt aangeduid. Op een kaart uit 1625 staat zelfs 'village 't Spreuken' vermeld. Toen in 1820 de Liesboslaan werd bestraat, veranderde de naam van Het Spreeuwken in Het Ploegje.

Tuinbouw

Kerkelijk hoorde Bagven bij de parochie Princenhage. Breda annexeerde in 1942 dit deel van de gemeente Princenhage en lijfde daarmee ook de boeren van Bagven in. Vanaf 1830 is men zich in Bagven al meer op de tuinbouw gaan toeleggen. De groeiende stad Breda vroeg erom. Dagelijks liepen de vrouwen van Bagven naar Breda om daar op het marktje aan het Duitenhuis (Nieuwe Haagdijk) hun producten te verkopen.
Ondertussen ontdekte de elite van Breda het buitengebied bij Bagven. Landgoederen als Zoutland, Lindenburg en Vinkenburg groeiden uit van zomerverblijven tot woningen voor het hele jaar, met koetshuizen en parkachtige tuinen. Rond 1900 zorgde de nieuwe tramverbinding met Breda zelfs voor een prille toeristenindustrie met hotels bij het Liesbos.
In 1938 begon Nederland met de aanleg van moderne autowegen: de eerste van Arnhem naar Nijmegen, de tweede van Rotterdam naar Breda.
Herberg Het Ploegje eindigde onder een kruising: het huidige viaduct van de A16. Daar was ondertussen al een horeca-opvolger verrezen: de uitspanning Princeville. Bordelen kropen er tegenaan, de horeca gedijde. Horeca en verkeer, dat is misschien al duizend jaar de continuïteit van een onbekende 'nevelvlek' bij Breda.

Nieuwe eisen

De planologische recycling van de gelouterde aarde van Bagven gaat inmiddels onverminderd door. Nieuwe tijden, nieuwe eisen: een hoge snelheidstrein langs Breda en een zesbaans A16 met luxe aansluiting richting Etten-Leur en verder.
Op de tekentafels van Rijkswaterstaat liggen de verkeerslussen en de ongelijkvloerse kruisingen al gereed, sloop- en graafwerk is begonnen. Het is de zoveelste aanpassing van het eeuwenoude verkeersknooppunt dat bij de file-meldingen eigenlijk Bagven zou moeten heten.


Informatie: Heemkundige Kring Breda, Oplymiastraat 24, 4818 TP Breda.

Reageren op dit artikel? Stuur een e-mail aan redactie@bnstem.nl

Terug naar overzicht


Copyright BN/DeStem/Uitgeversmaatschappij Zuidwest-Nederland BV, The Netherlands.
Niets op deze website mag worden verveelvoudigd, of worden opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige andere manier, hetzij op papier, hetzij digitaal, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van hoofdredactie en/of de uitgever.