Nieuwebildtdijk, 21 januari 2006

De bekoringen van de klei



Grijs en grauw ligt het winterlandschap van het Bildt erbij. De kille kleigrond maakt velen neerslachtig en somber. Maar wie goed kijkt ziet de bekoringen van het trieste en lege land.

In het op de zee gewonnen land achter de Nieuwebildtdijk trekken diepe voren scherpe lijnen in het landschap. Hier overheerst de kleur grijs in alle mogelijke schakeringen. De kleigrond neigt naar aardezwart, de lucht houdt het midden tussen de grijze tinten van mist en regen. Resten sneeuw hebben hun witte glans al lang verloren. Het is een troosteloze winterdag.

Als een eiland in een uitgestrekte zee van klei ligt de boerderij van Broer en Roelie Siderius vlak achter de zeedijk. Grote ramen in de woonkamer bieden uitzicht op het bouwland, waar zomers de aardappelplanten staan. Druppels glijden langs het glas omlaag. "Der stie in grutte plant op 'e finsterbank mar dy haw ik weihelle", zegt de vrouw des huizes. De plant belemmerde hun uitzicht.

Voor velen is de aanblik van het stille en neerslachtige land teveel voor het gemoed. Hoeveel westerlingen vertrokken niet met spoed na hun eerste winter op de dijk? In de zomer, als het land zijn warme kleuren toont, kopen ze er een huisje. In de winter weten ze zich met de eenzaamheid geen raad.

Siderius kan dat maar moeilijk begrijpen, zelfs op zo'n dag dat de wereld helemaal in nevelen lijkt ingepakt. Dan stook je de kachel op en pak je een boek, vindt hij. "Je motte je delgeve." Hier volgt het leven immers nog de jaargetijden, bepaalt de natuur het ritme van de dag. Zelf is hij vergroeid met het land en de seizoenen. Net als zijn vader en diens vader groeide hij op de Bildtse klei op.

Geen etmaal hetzelfde

Zelfs in de winter is er geen etmaal hetzelfde, zegt de boer. Je moet oog hebben voor de nuances van het landschap: de zware aarde die vooraan zwart is, maar dichter bij de dijk lichter van kleur wordt door eeuwen van slibafzetting uit zee. De glans die over de klei komt, als

er net geploegd is. De vogels en de hazen die beschutting en voedsel zoeken bij de boerderij en de herten die in de singels schuilen. "Of 'n kikedief die't op jacht is, prachtig."

Ook zijn er de bekoringen van de elementen; de wind en de regen. Zwarte wolken die al van ver de komst van een fikse bui aankondigen en het land in duister hullen. Of de snerpende kou van een heldere winterdag. In deze tijd worden ook de geluiden versterkt, zegt Siderius. "'n Brommer hore je al fan feer op 'e dyk."

Je moet er gevoel voor hebben, meent zijn vrouw. Soms komt er bijvoorbeeld tijdens het rooien een gave schelp naar boven. Een mooie wulk, zoals je die ook aantreft in het wapen van het Bildt. De aarde onthult op zo'n moment even de geschiedenis van land en zee. "Der kin ik best emosjoneel fan wurde." Zoiets moet je raken, vertelt ze. Het is ook niet voor niets dat er zoveel kunstenaars aan de Oude - en Nieuwebildtdijk wonen.

Het landschap zit ook in de mensen, zegt haar man. Vaak zijn ze rechtlijnig en recht voor de raap. Daarin schuilt het gevaar dat je star wordt, maar je weet ook wat je aan ze hebt, lacht hij. Wel ligt eenzaamheid op de loer. Siderius: "Gesellighyd fine je hier niet. Je worre 'n 'einzelganger' at je d'r niet om dinke." Tegen die eenzaamheid moet je je wapenen, stelt hij. Zelf is de bouwboer al veertig jaar lid van een kameradenclub van boeren uit de buurt. Allemaal leven ze nog, en allemaal zijn ze nog bij hun eerste vrouw.

Terwijl buiten de lucht wat opklaart, schenkt Koelie Siderius nog een kopje thee in. "De stilte en de rest. Sa'n moai plakje krije we noait wer." De knoppen worden al weer dikker, de mollen beginnen weer te wroeten, zegt haar man. "'t Foorjaar komt d'r al weer an."

DIRK KUIKEN

Bron: De Bildtse Post