Leeuwarden, 26 januari 2006

Beelden gehouwen in poëzie

De opdracht om een gedicht te maken over of naar aanleiding van een kunstwerk in de openbare ruimte in Friesland, heeft de lyrisch aangelegde lezers aangespoord hun ogen in de feestelijke decembermaand eens goed de kost te geven. Het resultaat is overweldigend. Schommelde het aantal inzendingen bij eerdere prijsvragen doorgaans rond de honderd, nu kreeg de redactie 146 gedichten binnen van 135 inzenders: sommigen hebben extra hun best gedaan en steken de loftrompet over meer dan een beeld; er is zelfs een lezer die op drie verschillende manieren één beeld bezingt, Us Mem.

De variatie in beelden, waardoor men zich heeft laten inspireren, is groot. De eeuwenoude Stenen Man bij Harlingen levert vier gedichten op. Herkenbare kunstwerken die een beroep uitbeelden, zijn ook favoriet bij de dichters, met als uitschieter de Bildtse Slikwerker bij Zwarte Haan, die vijf keer wordt bezongen.

Pelgrimspoort, beeld Henk Rusman Pelgrimspoort

Se gane by bossys de swarte poort deur.
Bij de Groate Kerk staat-y gastfrij
altyd open.

Met 'n rugtassy en 'n skelpy en 'n ruge stok
sette se de stap d'rin. 'n Eeuwenoud lopy.
Fan St.-Jabik ant Santiago de Compostela,
dan hè je wel even bonkeien.
'n Metafoor foor 't leven.

SIMY SEVENSTER


Ik weet het niet,
't verhaal blijft onbekend:
Mijn vader,
blauw alpinopetje met zo'n lusje
aan mijn moeder een vluchtig kusje
böletromke achterop.
Waar ging hij heen?
Zo 's morgens vroeg zag ik hem gaan,
'k was met hem begaan:
de wereld is zo groot.
Waar eet hij zijn brood?
En 's avonds zijn vermoeide blik.
Ik weet het niet,
het blijft mij onbekend.
Mijn vader werkte in het slik.

MINKE GARMANN
De Slikwerker, beeld Frans Ram

Bron: Leeuwarder Courant