Vrouwbuurtstermolen, 3 oktober 2007

'Laat mij maar draaien met het spul'

De Vrouwbuurtstermolen, de oostelijke poort van het Bildt, ondergaat een bijna complete 'make-over'. Molenbouwers van Hiemstra b.v. uit Tzummarum werken hard om dit pronkje van een Friese graanmolen weer een solide toekomst te geven. Het rietdek, de stelling en het hekwerk worden vernieuwd, er komen nieuwe ramen in de molen, nieuwe molenstenen en een sprinklerinstallatie. Alleen, de grondigste renovatie sinds de jaren zestig, kampt met een tekort van 20.000 euro.

"Het is nog maar de vraag of de gemeente ons uit de brand zal helpen," zegt Atje Tadema, lid van de Stichting De Vrouwbuurtster Molen. "Er is nog geen verordening aangenomen. Hopelijk gebeurt dat nog dit jaar. We hadden gebaseerd op cijfers van twee jaar geleden een budget van 143.000 euro voor de restauratie beschikbaar, maar inmiddels kijken we aan tegen een tekort."

Rijk en provincie, plus een aantal fondsen - waaronder de Stichting Bildtse Belangen, die een forse gift heeft gedaan - dragen het overgrote deel van de kosten. Het is nu aan de inwoners van het Bildt om in de bres te springen. De molenstichting zoekt donateurs, in het bedrijfsleven en onder bewoners van de gemeente.

De Vrouwbuurtstermolen is een van de belangrijkste culturele monumenten op het het Bildt. Hij wordt al in 1555 voor bet eerst genoemd, een pelmolen bedoeld voor het pellen van gerst. Ook bij Oudebildtzijl, St.-Annaparochie en St.-Jacobiparochie stonden graanmolens, die onderhand allemaal zijn verdwenen. De huidige molen oostelijk van Vrouwenparochie is van jongere datum. "Hij is hier neergezet rond 1850 en heeft mogelijk eerst ergens anders gestaan. Het was waarschijnlijk een zaagmolen, die is ingericht als graanmolen," zegt gediplomeerd vrijwillig molenaar Jan Braaksma (46), die alweer tien jaar de wieken in beweging zet.



De molen was tot 1955 economisch in gebruik, daarna waren de molenaars vrijwilligers, net als de leden van de molenstichting die in de jaren zestig door Dirk Kooi werd opgericht. Een grote restauratie kon in 1973 worden afgesloten met een Mallemolenfeest. "Het stond hier blauw van de mensen," zegt Braaksma. "Er was verschrikkelijk veel belangstelling voor." Aan het eind van de vorige eeuw werden een nieuwe roede (de balk waaraan de wieken zijn gemonteerd) en een nieuwe windpeluw (de zware balk die het voorste deel van de as van het wiekenkruis draagt) aangebracht.

Jan Braaksma is met de molen vergroeid: "Het is spelen met de elementen en de techniek. Ambacht en natuur, dat is het. Daar voel ik me geweldig bij thuis. Voor mij is de molen de poort naar het Bildt. Daar moeten wij als Bilkerts goed op passen. De mensen zeggen: "die môln mot niet fort". Elke zaterdag en bij voldoende wind draait hij hier. Hij ziet de molen als een van de grootste toeristische trekpleisters op het Bildt, met z'n strategische ligging aan de elfstedenroute en vlakbij café-restaurant De Molen.

De vraag aan de gemeente om geldelijke steun, om de Vrouwbuurstermolen in goede staat en gaaf aan volgende generaties te kunnen overdragen, komt op een moment dat er bij diezelfde gemeente nog geen beleid is vastgesteld en geen begroting is aangenomen. "De ambtelijke molens," bromt Braaksma." Daarom benadert het bestuur nu een aantal bedrijven en we zouden graag in de hele gemeente donateurs werven. Mijn slagzin is: "Laat mij maar draaien met het spul".

Stichting De Vrouwbuurtster Molen, bankrek.nr. 298139022 van de Friesland Bank. Tel. 0518-401654.

Bron: De Bildtse Post