Inleiding
Wat is epilepsie eigenlijk?
Wat kan de oorzaak zijn van epilepsie?
Is epilepsie erfelijk?
Hoe wordt vastgesteld of iemand epilepsie heeft?
Hoe wordt epilepsie behandeld?
Wat voor soorten aanvallen zijn er?
1 INLEIDING
Hoewel ongeveer 1 op de 150 mensen epilepsie heeft, is er toch bij de meeste
mensen weinig over deze aandoening bekend.
Behalve een grote aanval, heeft men veelal nog nooit andere uitingen van
epilepsie gezien. Epilepsie kan zich namelijk op heel verschillende manieren
openbaren. De zogenoemde absence bijvoorbeeld, is een aanvalsvorm
die aan de omgeving geheel onopgemerkt voorbij kan gaan.
Het kenmerkende verschijnsel van epilepsie is het plotselinge karakter
van de aanval. Sommige aanvallen kunnen er vreemd en soms angstaanjagend
uitzien. Omstanders reageren vaak met schrik of paniek; soms lopen mensen
zelfs weg als ze zien dat iemand een aanval heeft. Een dergelijke reactie is,
hoewel begrijpelijk, niet nodig en bovendien erg vervelend voor degene die
een aanval heeft, omdat de kans bestaat dat hij of zij zich tijdens een aanval
verwondt. Bij sommige aanvallen is de hulp van anderen zeker nodig. In zo'n
geval is het goed als ouders, familie, vrienden of omstanders hulp kunnen bieden, en weten
wat ze moeten doen.
2 WAT IS EPILEPSIE EIGENLIJK?
Ieder mens wordt door zijn hersenen gestuurd in al zijn denken en doen.
Zonder die aansturing kunt u uw ledematen niet bewegen en kunt u ook niet
horen, zien, voelen, ruiken of zelfs maar ademhalen. Hersenen bestaan uit
miljarden zenuwcellen, die constant boodschappen aan elkaar doorgeven via
elektrische stroompjes (impulsen) en chemische stoffen (neurotransmitters).
Als dit systeem op de een of andere manier verstoord raakt, kan er een soort
'kortsluiting' ontstaan. Een aanval is dus een plotselinge kortsluiting of
storing in de hersenen, waardoor het normale functioneren tijdelijk
verstoord raakt. Iemand heeft pas epilepsie als hij of zij regelmatig
last heeft van dit soort storingen. De plaats in de hersenen waar de storingen beginnen,
hoe ze zich verspreiden en hoe snel deze uitbreiding verloopt, bepalen het patroon van een aanval.
3 WAT KAN DE OORZAAK ZIJN VAN EPILEPSIE?
Het is niet altijd duidelijk waardoor iemand epilepsie heeft gekregen, maar er zijn in
het algemeen wel verschillende oorzaken aan te wijzen voor het
ontstaan ervan. Die oorzaak kan liggen in een hersenletsel.
Zo'n hersenletsel kun je op verschillende manieren oplopen:
4 HOE WORDT EPILEPSIE BEHANDELD?
Het medicijn tegen epilepsie bestaat niet. Toch zijn er wel goede, zogenoemde anti-epileptica
waarmee epilepsie wordt behandeld. Deze 'genezen' de epilepsie niet, maar onderdrukken,
verminderen of stabiliseren alleen de aanvallen.
De meeste mensen kunnen door de medicijnen op den duur aanvalsvrij worden (ongeveer 70-75%). Als iemand jarenlang aanvalsvrij is gebleven, kan men
proberen de medicijnen af te bouwen.
In Nederland worden jaarlijks zo'n dertig mensen - na uitgebreid onderzoek - geopereerd.
Vaak omdat zij niet meer reageren op de medicijnen.
Meer informatie over epilepsie en chirurgie is bij het Nationaal Epilepsie
Fonds verkrijgbaar.
Nationaal Epilepsie Fonds-De Macht van het Kleine
5 WAT VOOR SOORTEN AANVALLEN ZIJN ER?
Er bestaan veel soorten aanvallen, te veel om hier te beschrijven.
Toch is het belangrijk om hierin enig onderscheid te kunnen maken.
Er zijn twee grote groepen aanvallen:
We volstaan hier met een beschrijving van de vier meest voorkomende soorten
aanvallen en hun kenmerken. Na de beschrijving van de aanvallen volgen de
belangrijkste richtlijnen voor eerste hulp bij aanvallen van epilepsie.
De vier meest voorkomende aanvalsvormen zijn:
A. ABSENCES, WEGRAKINGEN OF AFWEZIGHEDEN
Bij dit soort aanvallen is er sprake van een korte afwezigheid. Iemand die
zo'n aanval heeft, is kort buiten bewustzijn, meestal zonder dat iemand het
merkt. De ogen draaien even weg, knipperen, of de betrokkene staart glazig
voor zich uit en reageert niet op de omgeving. Het lijkt voor een buitenstaander
of zo iemand zit te dagdromen.
Een absence duurt in de regel niet langer dan ongeveer 30 seconden, maar kan
wel vaker op een dag voorkomen, soms zelfs zeer vaak.
B. DE GROTE AANVAL
Bij grote aanvallen (gegeneraliseerde, tonisch-clonische aanvallen), zijn
grote gebieden van de hersenen gelijktijdig betrokken. Het zijn de meest
'klassieke' en de meest gevreesde aanvallen. Alleen bij deze vorm valt
iemand ook werkelijk neer. Daaraan heeft epilepsie ook de bijnaam vallende ziekte te danken.
Deze term is geheel onjuist omdat de meeste aanvallen (zie A, C en D) zonder vallen verlopen.
Bij een grote aanval is de betrokkene altijd geheel buiten bewustzijn.
Hoe ziet zo'n grote aanval er over het algemeen uit?
De schokken kunnen enkele minuten aanhouden; daarna wordt de betrokkene
helemaal slap en wit. De ademhaling komt langzaam weer op gang en het bewustzijn
keert geleidelijk weer terug.
Eerste hulp bij grote aanvallen
Wanneer u probeert de aanval zo goed mogelijk te observeren, om later zo goed
mogelijk verslag uit te kunnen brengen aan de arts, dan leidt dat u af van
uw eigen gevoelens van angst en onmacht. U hebt uzelf dan beter in de hand en
kunt ook beter helpen n een aanval.
Kijk altijd of iemand een S.O.S.-talisman om heeft; de gegevens daarin
kunnen van belang zijn. Oudere kinderen en volwassenen kunnen ook een
Medische-Informatiekaart bij zich dragen, of een kaartje waarop staat
dat ze epilepsie hebben en wat omstanders kunnen doen wanneer ze een aanval
krijgen.
Soms gebeurt het dat iemand die een grote aanval heeft, tijdens de krampachtige
spierschokken incontinent wordt (urine laat lopen). Het komt ook voor dat
iemand moet braken. Dit is uiteraard voor de betrokkene een vervelende toestand.
Help hem of haar zo goed mogelijk, stel gerust en houd (nieuwsgierige) omstanders
zoveel mogelijk op een afstand.
Wat u absoluut niet moet doen bij een aanval
Een uitzondering op deze laatste regel moet gemaakt worden als de ene aanval overgaat
in een volgende aanval. zonder dat de betrokkene bij bewustzijn is geweest, of wanneer een
aanval langer dan 10 minuten duurt. Bel dan een ambulance, een arts of 112.
C. EENVOUDIGE PARTILE (PLAATSELIJKE) AANVALLEN
Partile aanvallen worden zo genoemd omdat ze voortkomen uit of ontstaan in
een gedeelte (=part) van de hersenen. Dit zijn aanvallen met over het algemeen
een heel kort en licht verloop, zonder dat het bewustzijn verloren gaat. Meestal
merkt de omgeving ook niet dat iemand zo'n aanval heeft. Hoewel iemand tijdens de
aanval bij bewustzijn blijft, kan hij niets doen om de aanval tegen te houden.
Er zijn een paar manieren waarop zo'n aanval zich kan uiten:
De duur en het verloop van de aanval kunnen erg verschillen. Soms duurt de aanval maar
enkele seconden en blijft beperkt tot een tinteling in een hand, maar soms kan de
plaatselijke storing in de hersenen zich verspreiden over de hele hersenen waardoor een
grote aanval (B) optreedt, die ook langer duurt.
D. COMPLEXE PARTILE AANVALLEN
Dit soort aanvallen bestaan uit meerdere verschijnselen tegelijk, daarom
worden ze 'complex' genoemd. Het begin van een complexe partile aanval
wordt vaak nog bewust beleefd. Iemand krijgt dan bijvoorbeeld een onbestemd
gevoel in de maag of buik, of hij hoort of ziet vreemde dingen. Deze verschijnselen
duren meestal maar een paar seconden en soms blijft het daarbij. Ze worden aura's
genoemd en zijn vaak het begin van een aanval. Meestal gaat de aanval na de
aura echter door en ook het bewustzijn daalt geleidelijk verder.
Eerste hulp bij aanvalstypen A,C en D.
Handel rustig: iemand met een aanval heeft een verlaagd bewustzijn en kan op
een goedbedoelde 'ferme' aanpak afwijzend en soms zelfs agressief reageren.
Dit is niet agressief bedoeld, maar een instinctieve reactie van afweer.
Een arts roepen is meestal niet nodig, alleen als iemand tijdens de aanval
verwondingcn heeft opgelopen.
TOT BESLUIT
We zetten tot besluit nog even een paar belangrijke zaken op een rijtje.
Epilepsie kan niet, zoals een griepje, genezen worden. Dankzij medicijnen
kunnen veel mensen met epilepsie toch aanvalsvrij worden of heel goed met
hun epilepsie leven. Vaak weet de omgeving niet eens dat iemand epilepsie
heeft!
Onwetendheid leidt dikwijls tot onbegrip. Dat geldt ook voor epilepsie.
Onbegrip kan het voor mensen met epilepsie extra moeilijk maken om met hun
aandoening te leven. Begrip is daarom een teken van vanzelfsprekende medemenselijkheid en
daarop mag iedereen aanspraak maken, met of zonder epilepsie!
Meer informatie over epilepsie en chirurgie is bij het Nationaal Epilepsie
Fonds verkrijgbaar.
Nationaal Epilepsie Fonds - De Macht van het Kleine
Epilepsie Vereniging Nederland
Epilepsy so what
Last updated at: 22 oktober 2005
In enkele gevallen is een korte ziekenhuisopname wenselijk
om vast te stellen wat de oorzaak van de epilepsie is.
Wanneer het wat moeilijker is de juiste medicijnen voor iemand te vinden, kan worden doorverwezen naar
een van de in het hele land verspreide 'buiten-poliklinieken' voor epilepsie. Deze poliklinieken
zijn verbonden aan een van de drie epilepsiecentra die ons land telt. In zo'n volledig gespecialiseerd
epilepsiecentrum kan iemand in bepaalde gevallen tijdelijk worden opgenomen voor onderzoek en behandeling.
Bij ongeveer de helft van alle mensen met epilepsie blijken de aanvallen
niet meer terug te komen, nadat ze uiteindelijk helemaal met de medicijnen
zijn gestopt. Daar staat tegenover dat toch nog wel zo'n kwarr van de mensen
met epilepsie hun hele leven last blijft houden van aanvallen.
De Molen 35
3994 DA Houten
telefoon 030 - 63 440 63
A. Kleine aanvallen (absence of korte afwezigheid).
B. Grote aanvallen (gegeneraliseerd tonisch-clonisch insult).
C. Eenvoudige partile aanvallen.
D. Complexe partile aanvallen.
Iemand die een absence heeft, weet dat op het moment zelf niet. Maar een
absence 'verraadt' zich wel doordat iemand merkt dat hij bijvoorbeeld de
draad van het verhaal is kwijtgeraakt. In de klas kunnen kinderen even niet
meer weten waar de leraar met de les gebleven is en dat kan natuurlijk allerlei
leerproblemen veroorzaken. Het is daarom goed dat de leerkracht weet wat er aan
de hand is en hoe te reageren.
Iemand die een grote aanval krijgt, wordt plotseling stijf en krijgt een
spierkramp (dit is de zogenoemde tonische fase). Daarna valt hij of zij op de grond,
haalt geen adem meer en wordt langzamerhand blauw. Na ongeveer 10 20 seconden begint
het schokken met armen, benen en hoofd (dit is de clonische fase). Soms is er
schuimvorming op de mond door verhoogde speekselafscheiding. Dit schuim kan
rood gekleurd zijn als er tijdens de aanval op de tong gebeten wordt.
Sommige mensen zijn na een aanval niet direct aanspreekbaar; sommigen vallen direct
in een diepe slaap, anderen staan alweer vrij snel op.
-maak strakke kledingstukken rond de hals los;
-leg de betrokkene, als hij weer slap wordt, op de zij, zodat speeksel en bloed
uit de mond kunnen lopen en de tong de luchtwegen niet kan blokkeren.
a: iemand maakt plotselinge bewegingen, bijvoorbeeld met een arm of been (motorische
verschijnselen);
b. iemand ruikt iets, heeft een vreemde smaak in de mond, of voelt ineens
prikkelingen of tintelingen, bijvoorbeeld in een hand (sensorische verschijnselen);
c. iemand hoort of ziet - kortdurend - dingen die andere mensen niet horen of zien (auditieve of visuele
verschijnselen).
Tijdens dat tweede deel van de aanval maakt de betrokkene vaak vreemde, doelloze bewegingen.
Dit kan smakken, slikken of kauwen zijn, doelloos rondlopen of het verplaatsen van
voorwerpen, wrijven over kledingstukken e.d. Gedurende de aanval heeft de betrokkene soms
een rood, soms een bleek gezicht.
Na enkele minuten komt de betrokkene geleidelijk weer hij bewustzijn.
Vaak weet hij dan niet wat er gebeurd is of waar hij zich bevindt.
Van de aanval zelf weet hij weinig of niets.
Iedereen kan op elke leeftijd epilepsie krijgen, hoewel epilepsie vaker optreedt
bij kinderen en jongeren.
Het heeft niets te maken met intelligentie of karakter. Epilepsie is ook niet
besmettelijk of gevaarlijk voor de omgeving.
De Molen 35, 3994 DA, Houten
Postbus 270, 3990 GB, Houten
Tel.: (030) 63 440 63
Fax: (030) 63 440 60
E-mail: info@epilepsiefonds.nl
Internet: www.epilepsie.nl
Deze pagina is bestemd voor de mensen die hier alles over Epilepsie willen weten en voor de
patinten die meer kontakt willen hebben met lotgenoten.
Omgaan met metgezel epilepsie
Het Landelijk Werkverband Onderwijs en Epilepsie
en school De Waterlelie